Dit beeld herinnert eraan dat het hindoeïsme meer omvat
dan de grote goden Shiva en Vishnu en hun avatars.
Eeuwenlang vereerden dorpsgemeenschappen ook lokale beschermgoden
die verbonden waren met heel concrete zorgen:
de oogst, de vruchtbaarheid van het land,
de bescherming van mensen en vee of de bewaking van de dorpsgrenzen.
Ayyanar is zo’n godheid.
Hij lijkt niet vanuit de grote religieuze tradities naar het dorp te zijn afgedaald,
maar eerder vanuit het dorp zelf te zijn opgeklommen
tot een figuur met een plaats binnen het bredere hindoeïsme.
Het bronzen beeld in het Musée Guimet laat zien
hoe zo’n lokale beschermgod ook een plaats kon krijgen
binnen een verfijnde religieuze beeldtraditie.
Dit bronzen ensemble uit Kerala, gedateerd in de 14e of 15e eeuw
en in 1998 geschonken aan het Musée Guimet door Krishna Riboud,
wordt door het museum geïdentificeerd als Ayyanar,
een Zuid-Indiase beschermgod van dorpen, akkers en landerijen.
De voorstelling bestaat uit drie zittende figuren
op een gemeenschappelijk, rijk gedecoreerd voetstuk.
Langs de zijkanten loopt een band
met geometrische en bloemvormige motieven
die het geheel een bijna architectonisch karakter geeft.
De centrale figuur is aanzienlijk groter dan de twee begeleiders aan weerszijden
en neemt daardoor duidelijk de belangrijkste plaats in.
Aanvankelijk lijkt de hoofdpersoon vrouwelijk, maar een nadere beschouwing
roept twijfels op.
Waar de twee begeleidende figuren
duidelijk gemodelleerde vrouwenborsten hebben,
is de borstpartij van de centrale figuur veel minder uitgesproken
en grotendeels bedekt door zware sieraden.
Ook de hiërarchische opbouw van het beeld wijst erop
dat de middelste figuur de hoofdgodheid van het gezelschap vertegenwoordigt.
De centrale figuur draagt een rijk versierde kroon,
zit in een vorstelijke houding met één been afhangend
en houdt twee attributen vast.
In de rechterhand bevindt zich een lange staf of lans,
het voor mij meest opvallende attribuut van de hele groep.
In de linkerhand houdt de figuur een kleiner voorwerp vast
waarvan de betekenis op basis van de foto’s
niet met zekerheid is vast te stellen.
De twee kleinere begeleidsters zijn duidelijk als paar vormgegeven.
Ook zij dragen kronen en kostbare sieraden en houden attributen vast.
De centrale figuur onderscheidt zich door een lange staf of lans
in de rechterhand en een tweede voorwerp in de linkerhand.
Geen van deze attributen laat zich
op basis van de beschikbare foto’s echter met zekerheid identificeren.
Op grond van de compositie lijkt de identificatie als Ayyanar aannemelijk.
In Zuid-India wordt deze dorpsbeschermer
regelmatig vergezeld door twee vrouwelijke figuren,
vaak aangeduid als zijn gemalinnen Pūrṇā en Puṣkalā.
De drie figuren vormen dan samen een beschermend gezelschap
dat waakt over de gemeenschap en haar landerijen.
De opbouw van het ensemble past goed binnen die traditie.
Tegelijkertijd laat het beeld zien hoe voorzichtig
iconografische identificaties soms moeten gebeuren.
Zonder het museumopschrift zou de naam Ayyanar n
iet onmiddellijk voor de hand liggen.
Pas bij nauwkeurige vergelijking van de drie figuren
wordt zichtbaar dat de centrale gestalte zich onderscheidt
van de beide begeleidsters door haar formaat,
haar attributen en haar dominante positie binnen de voorstelling.





