De klim naar binnen: Petrarca op Mont Ventoux

– hoe een bergtocht verandert in een zoektocht tussen klassieke en christelijke teksten –

Een klassieke opleiding heb ik niet.
Dus voor mij geen Latijn of Grieks.
Maar een uitgave van Factotum Pers
vind ik steeds opnieuw de moeite waard.

Deze keer een Latijnse brief van Francesco Petrarca:
Beklimming van de Mont Ventoux.
In een Nederlandse vertaling van Vincent Hunink.

IMG_8794FrancescoPetrarcaBeklimmingVanDeMontVentouxVertalingVincentHuninkFactotumPers

Francesco Petrarca, Beklimming van de Mont Ventoux, vertaling Vincent Hunink, Uitheverij Factotum Pers.


Met veel plezier las ik dit boek dat op het eerste gezicht
toeristische informatie gaat geven
over een wandeltocht naar de top van de berg.

Maar al snel blijkt het een boek met vele lagen:
een verslag van een wandeling
met dwalende gedachten van de wandelaar;
maar ook klassieke en christelijke teksten
die dienen zodat Petrarca zich kan herbronnen.

Het exemplaar dat ik kocht is hand gebonden,
heeft mooie blauwe schutbladen die heel goed passen
bij de illustratie op de titelpagina van Mont Ventoux.

IMG_8796FrancescoPetrarcaBeklimmingVanDeMontVentouxVertalingVincentHuninkFactotumPersIMG_8797FrancescoPetrarcaBeklimmingVanDeMontVentouxVertalingVincentHuninkFactotumPers

Het zijn dit soort op het eerste gezicht kleine elementen
die het boek interessant maken.
Die elementen zie je in de fysieke uitvoering van het boek
en in de tekstbehandeling.

De tekst is opgedeeld in 8 delenen nadat ik begon te lezen
kwam ik er al snel achter dat in ieder deel allerlei interessants zat.
Een aantal van die zaken loop ik hieronder door.

De tekst verdient ook een meer poëtische inleiding
in een tweede stem:

Inleiding

Francesco Petrarca’s brief over de beklimming van de Mont Ventoux
is veel meer dan een verslag van een bergtocht.
Het is een tekst waarin persoonlijke ervaring, klassieke eruditie
en christelijke reflectie samenkomen.

De brief, gericht aan Dionigi da Borgo San Sepolcro,
is doordrenkt van citaten en verwijzingen
die Petrarca’s intellectuele identiteit onthullen:
een humanist die zoekt naar het gelukzalige leven,
balancerend tussen aardse schoonheid en innerlijke plicht.

In deze bespreking verken ik hoe Petrarca
klassieke en christelijke referenties verweeft,
van Vergilius tot Paulus, van Hannibal tot Augustinus,
en hoe hij zijn fysieke klim gebruikt als metafoor
voor een veel grotere, innerlijke stijging.

Haemus in Thessalië
Eind december was ik al in gesprek over een geografische kwestie
waarover Vincent van Hunink mij al snel de juiste gegevens kon aanleveren.
Al in de Latijnse tekst staat de ligging van de berg Haemus verkeerd.

ScreenshotBrontekst

Paulus brief aan Korinthe
In de brief beschrijft Petrarca hoe hij zijn klimgenoten koos.
Kort samengevat voldeden de meeste van zijn vrienden niet
omdat hij vermoedde dat een uitdaging als het beklimmen van een berg
een te zware wissel op hun vriendschap zou trekken.
Hij besloot zijn broer mee te vragen.

In de noten verwijst Vincent Hunink naar de eerste brief van Paulus
aan de gemeente in Korinthe.
Toen ik die opzocht bleek dat een prachtige tekst te zijn over liefde.
Ook los van Petrarca absoluut de moeite waard om eens te lezen.

Vergilius en ‘gelijke pas’
In boek 2 van Vergilius’ Aeneis
zien we Aeneas niet als een triomfator,
maar als een vluchteling.

Troje brandt, de stad is verloren,
en toch kiest Aeneas niet voor roekeloze strijd.
Hij kiest voor pietas: zorg voor zijn vader Anchises,
zijn zoon Ascanius en de huisgoden.

Dit moment, waarin zij “met gelijke pas” vertrekken, lijkt klein,
maar draagt een enorme symbolische kracht.
Het is een beeld van orde te midden van chaos,
een rituele beweging die de kiem van Rome in zich draagt.

Vergilius transformeert nederlaag tot lotsbestemming.
Het lot bepaalt dat Troje moet vallen,
maar dat Aeneas een nieuwe stad zal stichten.
Zijn vlucht is geen teken van zwakte,
maar een noodzakelijke stap in een goddelijk plan.

Door Anchises te dragen en Ascanius te leiden,
belichaamt Aeneas niet alleen Romeinse waarden,
maar ook een tijdslijn: Anchises staat voor het verleden van Troje,
Aeneas voor het heden van plicht en strijd en
Ascanius voor de toekomst van Rome.

Hun gezamenlijke beweging is een levend symbool van continuïteit:
uit de as van Troje groeit een nieuwe beschaving.

Vergilius laat zien dat grootse beschaving
niet ontstaat uit brute kracht,
maar uit samenhang en plichtsbesef.
Zelfs in ondergang is er een kern van orde
die kan uitgroeien tot een rijk.

Voor Vergilius’ Romeinse lezers was dit herkenbaar en ideologisch geladen.
In een tijd waarin Keizer Augustus vrede en stabiliteit bracht na burgeroorlogen,
bevestigde de Aeneis dat Rome’s grootheid niet toevallig was,
maar geworteld in lotsbestemming en morele waarden.
Uit de as van Troje verrijst Rome – niet door chaos, maar door eenheid.
Saamhorigheid is een sleutel tot het succes van Rome.

IMG_8795FrancescoPetrarcaBeklimmingVanDeMontVentouxVertalingVincentHuninkFactotumPers

De bergtocht en religieuze groei
De tocht staat niet alleen voor religieuze groei,
maar voor een bredere humanistische ontwikkeling.
Petrarca’s beklimming van de Mont Ventoux is
een metafoor voor het streven naar een hoger leven.
Maar dat “gelukzalige leven” (vita beata) is niet uitsluitend christelijk.

Het begrip komt uit de klassieke filosofie van Cicero en Seneca,
waar het een leven in wijsheid en deugd betekent.
Petrarca speelt bewust met die dubbele traditie:
hij citeert Augustinus en verwijst naar Paulus,
maar gebruikt tegelijk Vergiliaanse frasen en stoïcijnse ideeën.

Zijn tocht is daarom niet enkel een spirituele klim,
maar een intellectuele en morele zoektocht.
Het uitzicht op de natuur, zijn reflectie op eigen zwakheid
en de spanning tussen aardse schoonheid en innerlijke plicht
tonen een humanistische synthese:
een poging om klassieke erfenis en christelijke moraal te verenigen
in één ideaal van persoonlijke groei.

Hannibal, vuur en azijn
De verwijzing naar Hannibal is geen losse anekdote,
maar een retorisch middel om Petrarca’s klim
te presenteren als een heroïsche, morele onderneming.
Door Hannibal te noemen, roept Petrarca het beeld op
van een legendarische tocht vol ontberingen en doorzettingsvermogen.
Hannibal overwon fysieke obstakels om een militair doel te bereiken;
Petrarca gebruikt die vergelijking om zijn eigen inspanning
te verheffen tot een strijd tegen innerlijke zwakheid en aardse verlangens.

De anekdote dat Hannibal rotsen splijt met vuur en azijn
past prima in dit retorische middel:
het benadrukt vindingrijkheid en volharding tegenover natuurkrachten.
Zo wordt de beklimming van de Mont Ventoux niet slechts een wandeling,
maar een symbolische klim naar inzicht en deugd

IMG_8798FrancescoPetrarcaBeklimmingVanDeMontVentouxVertalingVincentHuninkFactotumPers

“Haten en anders tegen mijn zin”
Het retorische contrast in
“Ik zal haten als ik kan. Zo niet, dan liefde voelen, tegen mijn zin”
versterkt Petrarca’s innerlijke strijd.
De eerste zin is actief:
Petrarca presenteert zichzelf als handelend,
vastbesloten om zich los te maken van liefde door haar te haten.
De tweede zin keert dit om:
hij wordt passief, Petrarca als een lijdend voorwerp
dat tegen zijn wil door liefde wordt overweldigd.

Dit contrast tussen wilskracht en onmacht
creëert een dramatische spanning die de psychologische diepte van de brief vergroot.
Het laat zien hoe Petrarca niet alleen worstelt met aardse verlangens,
maar ook erkent dat menselijke wil begrensd is.

Climax
Tegen het slot van de brief bereikt Petrarca zijn morele climax
met een gedachte die wortelt in zowel Seneca als Augustinus.
De zin “terwijl er toch niets bewondering verdient behalve de ziel:
wanneer die groot is, is voor haar niets groot”
echoot Seneca’s stoïcijnse overtuiging dat uiterlijke dingen
geen werkelijke grootheid bezitten;
alleen de ziel verdient bewondering.

Tegelijk sluit dit aan bij Augustinus’ Belijdenissen (10,15),
waar hij bekritiseert dat mensen zich verliezen in uiterlijke wonderen
– bergen, zeeën, sterren –
en zich afkeren van hun eigen ziel,
terwijl juist daar de ware grootheid ligt:
“En ze gaan weg bij zichzelf.”

Petrarca verbindt deze twee tradities tot één humanistische boodschap:
de beklimming van een berg is indrukwekkend,
maar de ware hoogte ligt in de innerlijke klim van de ziel.

IMG_8799FrancescoPetrarcaBeklimmingVanDeMontVentouxVertalingVincentHuninkFactotumPers

Dionigi da Borgo San Sepolcro
Het zal iedere lezer van dit bericht wel duidelijk zijn
dat de brief van Petrarca niet een soort ansichtkaart vanaf een vakantiebestemming is.
De geadresseerde is dan ook een bijzonder persoon:

Dionigi da Borgo San Sepolcro (ca. 1300–1342)
was een Augustijner monnik en geleerde uit Toscane.
Hij studeerde theologie aan de Sorbonne in Parijs
en werd later actief in Avignon, waar hij Petrarca leerde kennen.
Dionigi fungeerde daar als Petrarca’s biechtvader en adviseur,
en bracht hem in contact met werken van Augustinus,
waaronder de Belijdenissen.
Deze ontmoeting speelde een grote rol in Petrarca’s spirituele en intellectuele ontwikkeling,
maar hij bleef ook andere invloeden volgen.

Dionigi werd in 1340 benoemd tot bisschop van Monopoli (Zuid Italië)
en overleed in 1342 in Napels.

Conclusie

De Mont Ventoux-brief laat zien dat Petrarca niet simpelweg een berg beklimt,
maar een literair en filosofisch experiment uitvoert.
Hij gebruikt klassieke stemmen zoals Vergilius, Ovidius, Hannibal en Seneca,
naast christelijke bronnen als Paulus en Augustinus,
om zijn eigen zoektocht vorm te geven.

De tekst beweegt tussen actieve wil en passieve overgave,
tussen uiterlijke hoogte en innerlijke grootheid.
Uiteindelijk klinkt in het slot de humanistische synthese door:
“En ze gaan weg bij zichzelf”
– een waarschuwing van Augustinus die Petrarca tot zijn eigen motto maakt.

De beklimming van een berg is indrukwekkend,
maar de ware hoogte ligt in de klim van de ziel.

Neem en Lees

Met al de carnavalsactiviteiten en het niet laten doorgaan
van de Grote Optocht in Breda, zou je helemaal vergeten
dat het ook week van de poezie was.
Ik lees al niet veel fictie, dus poezie staat dan echt
ver van je af. Maar ik dacht laten we eens proberen.

Dus ik kocht:
= Rembrandt van Rijn – De mooiste gedichten over de schilder en zijn werk
Samensteller: Victor Schiferli
= Jij bent de verkeerde – en alle andere gedichten tot nu toe
Geschreven door Ester Naomi Perquin

Daarom kreeg ik:
= Neem en Lees
Geschreven door Stefan Hertmans

Het verhaal bij ‘Neem en Lees’ vind ik prachtig:
in Belijdenissen van Kerkvader Augustinus staat een verhaal
over zijn bekering. Een kind zingt buiten in de tuin en Augustinus meent
het te verstaan als ‘Neem en Lees’. Op tafel lag een boek,
hij sloeg het open en las: Vertroetel niet het vlees in begeerlijkheid.

Of er veel carnavalsvierders zijn die zich daar ik kunnen vinden
vandaag, dat vraag ik me af. Maar als opdracht om (poezie) te gaan lezen
is het erg welkom.

Laat ik maar beginnen met Neem en Lees.
Geen van de drie boekjes (je moet bij gedichten eigenlijk ‘bundels’ zeggen)
heb ik uit. Maar in alle drie heb ik al gelezen.
Bij een eerste lezing vind ik Neem en Lees het minst toegankelijk.
Al moet ik zeggen dat het eerste gedicht goed gekozen is.

Open de deur van het gedicht
Het huis is leeg.
Je zult zelf meubels moeten maken,
een kast voor onbeslapem lakens
en wat planken voor verhalen
die geen hond nog wil.

 

Je zult het uitzicht met je leven
moeten kleden en vuur tekenen
in gaten in de muur.

Zo gaat het eerste gedicht nog even verder.

Rembrandt van Rijn – De mooiste gedichten over de schilder en zijn werk.
Daar moet wel iets tussen zitten wat je leuk vind, verwacht ik.
Het is een soort ‘Alle 13 Goed!’.
Er staan gedichten in heel verschillende stijlen, over werken van Rembrandt
of over zijn leven.
Mij sprak het gedicht van Jan Wolkers erg aan,
het zegt net zo veel van Jan Wolkers als mens
als van zijn bewondering voor de schilder:

Aan Rembrandt

 

Veel lauwerkransen zijn niet nodig,
Voor redevoeringen is geen tijd,
En achteraf, ’t is overbodig,
Elk weet, dat Gij de Grootste zijn!

Kort maar bondig, recht voor zijn raap en vol overgave.

De taal van Ester Naomi Perquin vind ik het mooist.

Reincarnatie

 

Wil iemand in mijn benen lopen,
in mijn mond zijn woorden leggen
en in mijn handen stijve vingers
soepel strekken voor pianospel
of strelen – wie wil mij aan?

Het zal nog een avontuur zijn om alle drie de boekjes uit te lezen.
Ik kijk er naar uit!

 photo DSC_8084StefanHertmansNeemEnLees.jpg

Stefan Hertmans, Neem en Lees.


 photo DSC_8082VictorSchiferliRembrandtVanRijnDeMooisteGedichtenOverDeSchilderEnZijnWerk.jpg

Victor Schiferli, Rembrandt van Rijn – De mooiste gedichten over de schilder en zijn werk.


 photo DSC_8081EsterNaomiPerquinJijBentDeVerkeerde.jpg

De mooie omslag is van Christoph Noordzij. Ester Naomi Perquin, Jij bent de verkeerde.


 photo DSC_8080Poezie.jpg

Er is niet gauw te veel aandacht voor poezie. Daarom nog deze toegift.


Annakerk en Annakapel in Molenschot

Gisteren bezocht ik het dorp Molenschot in Noord Brabant.
Niet ver van waar ik woon.
De aanleiding was de expositie van Alice van der Gaast in
de St. Annakerk.
Je kunt de kerk en de kapel niet missen.
Op de Oude Tilburgseweg neem je de afslag naar Molenschot.
Na een paar honderd meter gaat de weg over in een kasseienweg.
Al snel sta je op een plein met in het midden de kapel
en daarachter de kerk.

Voor de kapel staat dit beeld.
Dit is een veelvoorkomende opstelling:
Moeder Anna leert haar dochter Maria te lezen.
Een andere veelvoorlomende opstelling is de zogenaamde Anna te Driexebn.
Dat is een afbeelding van de Heilige Anna, Maria en het kindje Jezus.

Een toelichting van mij is niet nodig.
Daar zorgt het volgende bordje voor.

Zoals te lezen is het geloof vaak veel praktischer dan alleen
maar geboden en verboden.
Heilige Anna als een soort ‘Boer zoekt vrouw’.

Zicht op het kerkhof dat rond de kapel ligt.

St. Annakerk.

Ik vermoed dat dit processievaandels zijn.
In de kapel hangen er verschillende.
Hier waarschijnlijk een afbeelding van St. Franciscus.

Een afbeelding van Molenschot met rechts de kapel en links de kerk.
Dus gezien vanuit de andere kant dan waar wij gisteren van kwamen
toen we Molenschot binnen reden.

Koning David.

Heilige Anna met Maria.

Detail van de afbeelding.

Interieur van de kapel.

De profeet Joel volgens Internetbijbelcursus.nl:

JOEL
Veel mensen kennen de profeet Joel alleen van het feit dat Petrus hem, op de 1e pinksterdag, citeert:

“En het zal zijn in de laatste dagen, zegt God, dat Ik zal uitstorten van mijn Geest op alle vlees; en uw zonen en dochters zullen profeteren, en uw jongelingen zullen gezichten zien [..] En het zal zijn dat al wie de naam des Heren aanroept, behouden zal worden” [Handelingen 2:17-21]

Joel leefde en profeteerde in/rond 830 voor Christus, en leefde in Juda. Er was hongersnood in het land, mens en dier zag de dood in de ogen. Er was een sprinkhanenplaag geweest, droogte en branden. Zelfs de tempeldienst was stopgezet omdat er niet voldoende meer was om te offeren. Het volk was in zonde gevallen en Joel roept het volk op terug te keren naar God en zich af te keren van de zonde. De basis van Joels profetie is: keer je af van de zonde en bekeer je!

Interieur St. Annakerk.
Dit is de eerste keer dat ik met deze camera foto’s maak in
een donkere ruimte.
De flitser schiet tekort voor grote afstanden.
Door het licht worden foto’s vaak te hard.
Ik had meer zonder flits maar met statief moeten fotograferen.

Paneel van de preekstoel, hoe kan het ook anders.

Wandschildering bij een zijaltaar.
Helaas waren het hoof- en zijaltaar slechts beperkt gangbaar.
Joachim is de vader van Maria (volgens de legendes)
de man van Anna dus.
Ze waren heel lang kinderloos en Joachim werd dat
door de priesters verweten.
Toen Joachim met een offer naar de tempel kwam
werd het offer dan ook afgewezen.

Detail biechtstoel (zeg maar biechtgebouw want het is groot).

Waarschijnlijk de apostel Petrus (Sleutel tot de hemel).
Detail biechtstoel.

Vermoedelijk het Maria-altaar.

Heilige familie in de timmermanswerkplaats.
Paneel van altaar.

De kerststal.
Paneel van altaar.

Gregorius (?), naamgever van het Gregoriaans.
Beeld aan het koor en orgelbalkon.

Gregorius de Grote volgens KatholiekNederland.nl:

KortPaus Gregorius I (590-604) is een van de Kerkvaders van het Westen. Zijn geschriften zijn een belangrijke bron van de katholieke moraaltheologie. Hij speelde een grote rol in de missiegeschiedenis van de Kerk van Rome.

Romeinse aristocratieGregorius, geboren omstreeks 540, was telg van een Romeinse aristocratisch geslacht. Zijn moeder was Sint Silvia. Na zijn studies werd Gregorius magistraat en stadsprefect. Na een innerlijke strijd besloot hij zijn wereldse leven achter te laten en monnik te worden.

Bisschop van Rome
Na verloop van tijd werd Gregorius pauselijk nuntius bij de keizer van Constantinopel. Op 3 september 590 kozen de priesters van Rome Gregorius tot hun bisschop. Hij was de 63ste opvolger van de apostel Petrus. Als Paus onderscheidde hij zich door zijn theologisch gezag en zijn missionaire inzicht. Zo gaf hij opdracht om Engeland te kerstenen. Zijn liefde voor zieken en armen was legendarisch.

Visioen Michael
Het verhaal ging dat hij tijdens een pestepidemie een visioen kreeg van de aartsengel Michael. Deze verscheen aan hem met getrokken zwaard, staande op het Mausoleum van keizer Hadrianus. Toen Michael zijn zwaard weer in de schede stak, verdween de pest en werd Rome gered. Sindsdien heette Hadrianus’ mausoleum de Engelenburcht.

Duif
Een andere legende zegt dat Gregorius’ geschriften werden geinspireerd door de Heilige Geest zelf. De diaken Petrus zou een duif bij het oor van een schrijvende Gregorius hebben gezien.

Gregoriaans
Volgens een overlevering zou Gregorius verantwoordelijk zijn voor de eerste standaardisering van de westerse kerkmuziek, vandaar de naam ‘gregoriaans’.

Geschriften
Gregorius’ belangrijkste geschriften zijn Moralia in Iob (een traktaat over christelijke ethiek), Regula pastoralis (een pastoraal-theologische handleiding) en Dialogen over de Italische Vaders met daarin een levensbeschrijving van Sint Benedictus van Nursia. In totaal schreef hij ruim 850 brieven. Zijn geschriften getuigen van zijn inspanningen om barbaren voor zich te winnen, ketters te bestrijden en heidenen te bekeren en geestelijk leidsman voor de gelovigen te zijn.

Kerkvader
Gregorius stierf in 604. Samen met Augustinus, Ambrosius en Hieronymus behoort hij tot de Kerkvaders van het Westen. Hij heeft zich ingezet om het tij van de geschiedenis te keren en stond aan de wieg van het middeleeuwse Europa, met Rome als centrum van de katholieke christenheid. Paus Bonifatius VIII verleende hem in 1295 de eretitel van kerkleraar. Zijn feestdag is 3 september.

Afbeelding boven de uitgang.

Anna en Maria.
Ook hier leert Anna Maria lezen.

Een kruiswegstatie.
Jezus wordt bij Pontius Pilatus voorgeleid.

Even terug naar de biechtstoel.
‘Berouw en vergeving’ worden hier afgebeeld.

Detail biechtstoel.

Detail preekstoel.

Detail glas-in-lood-raam.
Hemelse erkenning/bescherming.

Doopvont.

Kruiswegstatie.
Jezus wordt van het kruis genomen.

Wandbetegeling in de kerk.

Zicht op kerkhof, kapel en kerk.

Achterzijde van de kerk met vermoedelijk de sacristie.

De wethoudster van cultuur vertelde over de acties die worden ondernomen
om de kerk en de andere monumenten in Molenschot te behouden.
Dat het dringend is toont deze foto wel aan lijkt me.