The Morgan

“The Morgan” is een bibliotheek en museum in New York.
Een heel bekende bibliotheek.
Ze bezitten veel prenten en manuscripten met prachtige afbeeldingen.
Ze plannen nu een tentoonstelling met de naam “Pages of Gold”,
“bladen van goud” in het Nederlands.
Een van de bladen was al te zien in de kunstvaria log van vandaag.
Ze hebben echter nog meer.
Helaas zijn de afbeeldingen van een beperkte kwaliteit.
Maar ik denk dat wel duidelijk wordt wat voor een enorme schatten
beheerd worden in The Morgan.


Don Silvestro dei Gherarducci, Nativity in P, leaf from a gradual, Latin, Italy, Florence, circa 1392 – 1399.


Kerstvoorstelling in de letter ‘P’.





Don Silvestro dei Gherarducci, detail nativity.


De kwaliteit van deze uitvergroting is helaas niet best.





Gerard David, Virgin and Child with Ffemale saints, leaf from devotional book, Belgium, Bruges, circa 1500.


Gerard David.
Maagd Maria met kind en vrouwelijke heiligen.
Pagina uit een religieus boek.
Gemaakt in Brugge (Belgie) rond 1500.





Master of the Morgan Leaf, scenes from the life of David, leaf from the Winchester Bible, England, Winchester, Cathedral of the Priory of St. Swithin, circa 1160 xe2x80x93 1180, verso.


Linkerbladzijde uit de Winchester Bijbel.
Scenes uit het leven van David.





Bijbehorende rechterpagina.


Rechterbladzijde uit de Winchester Bijbel.
Scenes uit het leven van David.



Kunstvaria



Adoration of the Magi, cutting from a gradual, Latin, master B.F., Italy Milaan, circa 1500.


Aanbidding door de Drie Koningen.
Pagina uit een liturgisch zangboek.
De naam van de maker is onbekend behalve zijn initialen: B.F.
Er zijn een aantal miniaturen bekend die deze initialen dragen.





David Hockney, Three trees in the proximity to Thixendale Winters, 2007.






Georges de la Tour, Penitent Magdalena, 1638 – 1643.


De la Tour is bekend vanwege zijndonkere schilderijen met kaarslicht
of een andere lichtbron.
Hier “De berouwvolle Maria Magdalena”.





Guy Tillim, Maputo, Mozambique, 2007.






Jean Debuffet, Site Aleatoire avec 6 personnages (F51), 1982.






Jerry Dantzic, Louis Armstrong, Timex Jazz Show #2, rehearsal, 30/04/1958.






Louis Lozowick, New York, lithograph, circa 1925.






Millefiore, Roman bowl fragments.


Archeologische fragmenten van een kom.
Genoemd Millefiore vanwege de vele bloemen.
Recent gevonden in London, gemaakt in de eerste eeuw na Christus.





Olafur Eliasson, Inverted Berlin sphere, 2005.






Pierre Bonnard, Le port des yachts, circa 1914.






Richard Avedon, Veruschka dress by Kimberly, New York, januari 1967.


Modefotograaf Avedon.





Roxy Paine, Maelstrom (detail), 2009.


Dit werk is specifiek gemaakt voor de beeldentuin
op het dak van het MET in New York.





Salvador Dali, Adolescence, 1941.


Dit werk is gestolen uit het Scheringa museum.





Two table supports, Pompeii, House of Gaius Corenlius Rufus, 1e eeuw voor Christus – 1e eeuw na Christus.


Twee tafelpoten uit Pompeii meer in het bijzonder
afkomstig uit het huis van Gaius Corenlius Rufus.





Vincent van Gogh, Rainxe2x80x93Auvers, 1890.


Heel vaak als hekkesluiter.
Maar niet minder mooie regen deze keer.




Kleine quiz

Waar zijn deze foto’s gemaakt?


De quiz is opgelost.


Op dit terrein stond vroeger het huis van mijn opa en oma
van mijn moeders kant. Naast het huis stond de blokhut van de verkenners.
Poolse weg/Blauwe kei.








Oude boerderij Blauwe kei.






De KTS.






Huis van groenteboer Janus van de Velden.












Janus van de Velden.




De oude media: kranten enz.

Het is lang geleden dat ik een goed artikel las in Vrij Nederland.
Maar deze week was er dan toch een.
Als Vrij Nederland het medicijn dat beschreven staat in dit artikel,
niet snel zelf gaat slikken
zal het ook met hen snel met ze afgelopen zijn.

Het probleem met kranten en tijdschriften is
dat ze erg snel, veel minder gelezen worden.
Tien, vijftien jaar geleden zei iedereen nog:
“Nee, een krant lezen op het web, dat gaan wij niet doen!”.

Mijn vader, al tien jaar met pensioen, zelf graficus,
heeft het grootste deel van zijn werkzame leven
bij een regionaal dagblad gewerkt.
Leest nog iedere dag die krant, maar leest ook dagelijks kranten online.

L., mijn persoonlijke tipgever voor verhalen zoals dat van gisteren
over het Speelhuis in Breda (uit BN/De Stem),
las iedere dag de krant als onderdeel van het dagelijks ritueel.
Ze is niet merkvast maar las toch iedere dag de krant.
Leest nu dagelijks meerdere kranten online.
Nee, niet via een web abonnement, gratis.





Vrij Nederland, 9 mei 2009.



Deze week sprak ik een jonge Chinese programmeur op mijn werk.
Hij is vier jaar in Nederland.
Kwam hier om te studeren.
‘Goedemorgen’ is waar zijn gesproken Nederlands zich toe beperkt.
Ik vroeg hem (los van dit verhaal) of hij een krant las.
Het antwoord was: “Ja de Metro, zo’n gratis krant.’

Ikzelf lees eigenlijk geen krant meer.
Las hem vroeger dagelijks.
We hebben nu een weekend abonnement.
Maar met al het nieuws, dagelijks op radio, tv en internet,
is ’s avond de krant oud nieuws.

Wat moet je daar als krant aan doen?
Dat is het onderwerp van het interview van Maurits Martijn
met Jeff Jarvis.

Vrij Nederland, het hele artikel

Gelukkig staat dit artikel ook online en kan ik dus de belangrijkste stukken
gebruiken in deze blog zonder ze helemaal foutloos te moeten overtikken
(niet mijn sterkste punt van het bloggen).

Wat wordt er gezegd:

‘Ik doe met hoofdredacteuren en uitgevers vaak het volgende gedachte-experiment: stel je de dag voor xe2x80x93 en die dag komt snel xe2x80x93 dat je de drukpersen voorgoed uitzet. Wat ben je dan? Vrij Nederland is een merk, met een waarde. Wat is die waarde als je niet meer op papier verschijnt?’

Wat moet Vrij Nederland doen om aan de existentixc3xable crisis van de printmedia te ontsnappen?

Met het internet en Google is een geheel nieuwe wereld ontstaan. Voor de media betekent dit volgens Jarvis dat het niet meer alleen draait om de producten die zij maken xe2x80x93 hun ‘content’ xe2x80x93 maar vooral om het digitale netwerk waar ze deel van uitmaken. Jarvis beschrijft een verschuiving van de content economy, waar kranten en tijdschriften eigenaar zijn van artikelen en die verkopen naast advertenties, naar een link economy, waar content pas waarde krijgt als er door anderen naar gelinkt wordt. Je kunt nog zo’n mooi artikel schrijven, als niemand er aandacht aan besteedt, is het niets waard.

Ik zou zeggen dat die waarde bij Vrij Nederland in een aantal dingen zit. Duidelijk in de content. Een redactiezaal met slimme mensen die werken, leren, analyseren, verslagleggen en in perspectief plaatsen.

Er is ook een waarde die je niet kunt zien. Dat zijn de mensen om je heen. Wat weten zij? Vergis je niet: zij zijn ook erg slim. Het zijn mensen die van Vrij Nederland houden, of om dezelfde dingen geven als de redactie. De vraag is hoe je hun wijsheid te pakken krijgt.

De tijd is voorbij dat je een concurrentievoordeel had omdat je beschikte over een drukpers en een vaste plek in de kiosk. Vandaag heeft iedereen een drukpers: het internet.

In feite zijn de kosten die je maakt met het drukken van je product nu een nadeel. Eigenlijk druk je nu vooral voor de adverteerders die nog willen adverteren.

Vrij Nederland schrijft over veel thema’s. Moeten we specialiseren?
‘In het algemeen vraagt het internet om specialisatie. Als ik een tijdschrift in de VS koop xe2x80x93 Time bijvoorbeeld xe2x80x93 dan kom ik altijd in aanraking met onderwerpen waar ik niets van weet. Dat is prettig, maar online werkt het niet zo, daar vinden mensen wat ze willen vinden, door links en zoekmachines. Mensen zoeken specifiek naar onderwerpen en kiezen daarbij de informatie met het meeste Googlesap. Als ik iets wil vinden over het milieu en Nederland dan vind ik degene die daarover consequent het beste informeert. Degene met Googlesap. Iemand die er maar af en toe aandacht aan besteedt, wordt niet gelezen.’



Overigens is dat ook een les voor mijn blog.
Op mijn blog kun je, denk ik, niet echt een etiket plakken.
Natuurlijk er is veel cultuur en kunst maar
met golven ook andere onderwerpen zoals bijvoorbeeld Breda.
Maar goed mijn blog is dan ook een hobby.

En dan als troost voor de journalisten:


Het is vervelend dat veel kranten en tijdschriften zullen verdwijnen. Maar er is ook goed nieuws. We zullen chaos en verwarring zien. We zullen slechteriken zien die bij gebrek aan een waakhond met dingen weg gaan komen. En dan zal de gemeenschap opstaan en eisen om journalistiek. Het is aan de journalistiek zelf om aan die eis invulling te geven.’



Wil je weten hoe het met bijvoorbeeld de oplage aantallen van kranten staat?
De volgende site geeft de cijfers van 2007 en 2008:
Oplagen dagbladen

Samenvattend:
In nederland waren de oplagen voor alle regionale en landelijke kranten
in 2007: 4.618.343
in 2008: 4.387.390
Helaas geven ze maar cijfers over de laatste twee jaren.
Die verzachten, althans dat is mijn indruk, het beeld van de neergang enorm.

Speelhuis, speelhuys, Speelhuislaan

Alle tekst in deze log is afkomstig van BN/De Stem.
Dat is niet het geval met de foto’s.
Die heb ik vanavond gemaakt.
Met een uitzondering van een foto gemaakt door de archeologen
die ik op de website van de gemeente vond.


Logo Breda.


Bredaas plakboek: Een ouderwets partijtje golf
Vrijdag 12 september 2008

De Bredase Nassaus waren vooruitstrevende types, en mega-ambitieus.

Breda heeft prachtige monumenten als de Grote Kerk aan hun pronkzuchtige dadendrang overgehouden. Graaf Hendrik III (1483-1538), een van Europa’s hoogste edelen, was zelfs je reinste modernist. Hoogstpersoonlijk importeerde hij de Renaissance vanuit Italie naar Noordwest-Europa, teneinde zijn hofstad – Breda – met veel smaak en allure ingrijpend te moderniseren. Omdat hij de eerste was die de verworvenheden van die Zuid-Europese vernieuwingsgolf in onze streken introduceerde, kun je gerust beweren dat de Noord-Europese Renaissance in Breda is begonnen. Dat doen de Denen en de Zweden ook Die spreken al heel lang van de Hollandse Renaissancestijl en kennen het Kasteel van Breda als mooiste voorbeeld daarvan. Wat ook zou kloppen, als Hendriks palazzo niet in 1826-’28 met grof geweld tot cadettenkazerne was gereduceerd. Maar dat weten de meeste Scandinaviers – gelukkig ? – niet. Die statuszoekerij was een familietrekje van de Nassaus, wier eeuwenlange streberigheid uiteindelijk met een prinsentitel werd beloond. Ze zijn er nog lang aan verslingerd gebleven, net als aan hun moderniteit. Het was dan ook niet vreemd dat de halfbroers Filips Willem van Oranje en Maurits van Nassau besloten om conform de nieuwste ideeen van de Franse en Engelse adel een imposant recreatiepark voor privedoeleinden aan te leggen. Een lusthof. Er zou een warande – een bosachtig jagerspark met pauwen, herten en konijnen (nb. Konijnenberg!) – komen rond een sterrenbos: een stervormig bos met een padenstelsel als een achtspakig wagenwiel). Op de as daarvan kwam het ‘Speelhuis’, een achtkantig gebouwtje van vijftien meter doorsnee en drie etages in de vo=rm van inwendige galerijen. Hier konden de heren van Breda loungen, jagen en hun relaties onderhouden. Tegenwoordig heet zoiets: hospitality. De lusthof werd gesitueerd in de rivierpolder, Marckhoek, die even benoorden de kasteelgracht (nu: Academiesingel) begon en waarin ook het Belcrumse Bos lag. Van oost naar west liep de ‘Krogtdijk’ door de polder. Filips Willem, die rond dezelfde tijd de Bouverij (= Bouvigne) als jachtslot aanschafte, deed ook hier vanaf 1614 grondaankopen. Mogelijk moest de bouw nog beginnen, toen hij in 1618 stierf, maar Maurits liet rond 1620 het Speelhuis voltooien. De Bredase historicus Frans Gooskens ziet althans architectonische gelijkenissen tussen het Speelhuis, de Ned.-Herv. Kerk van Willemstad en het gemeentehuis van Klundert, die alle Maurits als bouwheer hadden. Gooskens vindt het bovendien aannemelijk dat bij het Speelhuis ook een maliebaan of palmalie is aangelegd – zeg maar: een golfbaan avant la lettre-, destijds de nieuwste rage bij de Europese adel. Hij vond twee sterke aanwijzingen. Op een kaart uit 1625 is een palmage (= maliebaan) aangegeven met dezelfde ligging als de huidige Speelhuislaan. Bovendien is het westelijke straatdeel – van de ‘knik’ totaan de oude Speelhuislocatie – exact de maliebaan-lengte van 750 meter. Welnu, als je zulk duur en trendy vertier aan je internationale relaties kon bieden, dan was elk partijtje jeu de mail natuurlijk statusverhogende hospitality. Klinkt bekend, niet?

 


Foto van de gemeente.


Watertoren en archeologische vondst op de voorgrond.


Lezing over Het Speelhuis
Donderdag 19 februari 2009

BREDA – In De Avenue in de Waterstraat wordt maandag een lezing gehouden door Frans Gooskens over Het Speelhuis. Dit buitenverblijf van de prinsen Filips Willem en Maurits werd rond 1618 gebouwd aan het einde van de Speelhuislaan. Daar heeft het ruim twee eeuwen gestaan.

 


Vondst in detail, koker in het midden al volgegooid met zand.


Van de andere kant.


Vondst traptoren speelhuis
Vrijdag 08 mei 2009

BREDA – Op de Speelhuislaan, ter hoogte van de vroegere machinefabriek Backer en Rueb, is bij archeologisch onderzoek het fundament gevonden van de traptoren van het speelhuis van de Nassau’s. Het fundament van de achthoekige traptoren van het in 1620 gebouwde en in 1824 gesloopte jachtslot bestaat uit een met bakstenen gemetselde cirkel.

In de holte van de fundering zijn tussen de puinresten oude bouwmaterialen gevonden, zoals dakleien, tegels, vensterglas en fragmenten van aardewerk en een drinkglas uit de 17e eeuw. Archeologe Joeske Nollen noemt de vondst een meevaller, zeker omdat van de fundering van het speelhuis niets meer te vinden is. Het speelhuis lag op een zandheuvel, op de kop van een Maliebaan, en is met fundering en al gesloopt. De Nassau’s speelde er vroeger een soort golfspel, op een 750 meter lange baan, de huidige Speelhuislaan. De opgraving, een proefsleuf, gebeurt in opdracht van de gemeente Breda in het kader van Via Breda en de ontwikkeling van een havenkwartier in de Belcrum. De fundering van de toren zal maandag al afgedekt worden. Mocht er ter plekke gebouwd gaan worden dan zal nader archeologisch onderzoek in de directe omgeving volgen. Maar nieuwbouw kan nog jaren op zich laten wachten, tot 2015, misschien wel 2020. In de toekomst, aldus een woordvoerster van de gemeente Breda, is het goed mogelijk dat de oude fundering van de torentrap zichtbaar wordt gemaakt als historische plek.

 




Met Backer & Rueb op de achtergrond.


Voor de volledigheid, .


Voor de orientatie: naast de oude spoorlijn van de Belcrum. De twee pijlen rechts geven de spoorbaan aan. De pijl links wijst naar de resten van de trap.


 

Thomas Ernst van Goor: Beschryving der stadt en lande van Breda

Het boek uit 1744 van Thomas Ernst van Goor:
Beschryving der stadt en lande van Breda,
is nog een ouderwetse verzameling van kennis.
Net een soort heeel oud weblog:
niet alles is per definitie waar, soms zijn de verhalen wat aangedikt,
soms is het erg actueel, het heeft bijzondere foto’s en een mooie opmaak
en je vindt iedere keer weer nieuwe grappige of interessante zaken.
Vandaag maar even wat afbeeldingen om te beginnen.

Het boek.


Het voorblad.


De prachtige platen: plattegrond van de stad in 1350, pag 48.A.


Grafmonument Engelbrecht II van Nassau.


Praalgraf Engelbrecht I van Nassau.


Breda en omstreken.


Het kasteel.


De Grote Kerk en toren.


Displacement / This Placement

Displacement / This placement
Het standpunt in de moderne kunst.

Dit is een verhaal over moderne kunst dat verschijnt
bij de tentoonstelling MyPainting.nu in Lokaal01 in Breda.
Het is geschreven door Christophe Van Eecke,
zelf kunstenaar en deelnemer aan de tentoonstelling.

Het betoog kan men gratis van de website van Lokaal01 downloaden.



In dit verhaal worden een heleboel kunstwerken genoemd
als illustratie van het betoog.
Ik heb in deze log een aantal van deze kunstwerken samengebracht.
Niet allemaal want soms ging het over films en soms
zijn de werken niet te vinden.
Volgens de auteur van het betoog hebben deze werken allemaal
iets met elkaar gemeen.
Ga op onderzoek.

De naam van het betoog is wel goed gevonden.
Het perspectief in de kunst, in de meest brede zin
van het woord ‘perspectief’, staat centraal,
in het betoog en de tentoonstelling.
De opstelling van de tentoonstelling gaat bovendien nog een aantal malen
wijzigen: het perspectief op de werken verandert.
De titel is Engels voor:

Displacement:
misplaatst in de betekenis van verkeerd weggezet, of verplaatst

This placement:
deze plaatsing in de betekenis van ‘zo, bewust weggezet’.

Als je de begrippen in het Engels uitspreekt
kun je het verschil tussen de twee begrippen nauwelijks horen.


Gustave Caillebotte, Intxc3xa9rieur, femme xc3xa0 la fenxc3xaatre, 1880.






Gustave Caillebotte, Jeune homme xc3xa0 sa fenxc3xaatre, 1875.






Gustave Caillebotte, Jeune homme jouant du piano, 1876.






David Hockney, Mulholland Drive, the road to the studio, 1980.






David Hockney, Pear blossom Hwy 11-18th April 1986, #2.






Eugxc3xa8ne Delacroix, La mort de sardanapale, 1827.






Edouard Manet, Le balcon, 1868 – 1869.






Egon Schiele, Sitzender mxc3xa4nnlicher Akt, 1910.






Paul Gauguin, The vision after the sermon, 1888.






Jeff Wall, Picture for women, 1979.






Jeff Wall, The destroyed room, 1978.






Jeff Wall, The storyteller, 1986.






Jeff Wall, The stumbling block, 1991.






John Singer Sargent, Madame X (Mme. Gautreau), 1884.






Magnus Enckell, The raising, 1894.




In zijn inleiding schrijft Christophe Van Eecke:

Kunstwerken zijn een uitnodiging tot medeplichtigheid: hun betekenis komt altijd tot stand in een dialoog tussen het werk en de toeschouwer. …
… Moderne kunst verlangt dan ook van haar toeschouwer dat hij zijn blik langs de blik van de kunstenaar legt om de wereld waar te nemen zoals de kunstenaar haar zag.



Aan het werk dus!

Gevonden

Op het web vond ik de volgende foto’s van Jason Hawkes.
Door eenheid van vorm en kleur zijn dit erg sterke foto’s.


Jason Hawkes, Apartment blocks Hong Kong.






Jason Hawkes, Lines of crop, Prickwillow.


Rijen gewassen.





Jason Hawkes, Red vans awaiting shipment.


Rode auto’s die wachten op verzending.





Jason Hawkes, Yellow busses Nevada.






Jason Hawkes, Tomatoes dumped on the banks of the river Durance, France.


Tomaten gestort op de oevers van de rivier Durance in Frankrijk.





.


Wanneer de eenheid in vorm en kleur wegvalt
zijn z’n foto’s gelijk een stuk minder sterk.




Huisgemaakte aspergesoep

Ik moet beginnen met vertellen dat ik de soep niet zelf heb gemaakt.
Dat heeft mijn moeder gedaan.
Met anderhalve kilo verse Bredase asperges werd het een heerlijke soep.
Die heb ik vanmiddag gegeten.
Ik kon het niet nalaten jullie er van te laten meedelen.





De voorbereidingen: lege pan, lege soepkom en bord, bakje huisgemaakte soep.






Is die goed gevuld of niet?






Het licht van de afzuigkap geeft wel een heel verkleurd beeld.






Smakelijk!




Constant Huijsmans: deel 3

Constant Huijsmans is de Bredase tekenleraar en kunstenaar die
een belangrijk deel van zijn carriere aan de KMA in Breda heeft gewerkt.





Afd IV, 31, blad 5 links, Bloemmotief, door mij digitaal ingekleurd.




Daarna ging hij aan de Hogere Burgerschool in Tilburg les geven.
Daar was hij voor korte tijd leraar van Vincent van Gogh.
In het stadsarchief van Breda is zijn nalatenschap.
Onderdeel daarvan zijn drie schetsboeken.
Twee daarvan zijn al aan de orde geweest op mijn weblog.
Vandaag wat meer over deel 3.
Dit boekje bevat nog het meest wat je zou kunnen noemen studies.
Ze zijn voor privegebruik gemaakt.
Er zijn maar een paar tekeningen die verder komen dan het niveau schets.
Die laat ik hier zien.





Afd IV, 31, blad 4, Schets van een man met pet.


Een wat hoekige schets van man met een pet.





Afd IV, 31, blad 6, Boerderij.


Deze schets is de schets die het meest voltooid is in het schetsboek.
De bomen zijn deels geel ingekleurd.





Afd. IV, 31, Blad 8, Koperen Ko.


Ik noem dit koperen Ko omdat dat een begrip is dat bij mij bekend is.
Of dat ook in de negentiende eeuw een bekend begrip was weet ik niet.
De schets is maar klein maar compleet en het is een onderwerp
dat ik verder nog niet bij Constant Huijsmans ben tegengekomen.

Volgens Wikipedia is het begrip Koperen Ko van later:

Koperen Ko was de bijnaam van de straatartiest Johannes Willem Leiendecker (geboren in Duitsland, 29 januari 1909 – Oosterhout, 18 april 1982).

Koperen Ko was een reizend muzikant, die op veel plaatsen optrad. Hij bespeelde tenminste drie instrumenten tegelijk: een accordeon, een trommel, en bekkens of cymbalen. Ook bewoog hij zijn punthoed met bellen.

Koperen Ko heeft 55 jaar op straat gemusiceerd, vanaf zijn 13e jaar. Na vele jaren te hebben rondgetrokken, vestigde hij zich met zijn vrouw Martha in Rotterdam. Gaandeweg ging het hem financieel steeds beter. Enkele malen trad hij op voor de televisie, en voor koningin Juliana.

Koperen Ko stond model voor de creatie Nikkelen Nelis van Wim Sonneveld. Het gelijknamige lied beviel hem helemaal niet: Ko meende dat de zin Zij kon het lonken niet laten sloeg op zijn vrouw Martha, die vanwege een oogziekte met haar ogen knipperde. Tekstschrijver Friso Wiegersma heeft dat ontkend: de tekst van het lied was al geschreven voordat Wim Sonneveld besloot zich uit te dossen als straatartiest.







Afd. IV, 31, blad 9, Een herberg.






Afd. IV, 31, blad 11, Ton, trog, tobbe, kruiwagen en paardenkar voor boerderij en hooimijt.


Helaas nog maar een heel vage schets.
Een paar van de voorwerpen zijn iets uitgewerkt.
Dat is te zien op de volgende afbeelding.





Afd. IV, 31, blad 11, Ton, trog, tobbe, kruiwagen en paardenkar, detail.


1. Trog
2. Ton
3. Tobbe
4. Kruiwagen
5. Paardenkar

Wie een betere term kent dan “paardekar” mag me dat laten weten.
Ik vind het zelf niet de juiste naam.
Maar een sjees is het niet want volgens mij is een sjees bedoeld
voor het vervoer van mensen.
Een kar voor het vervoeren van allerlei andere zaken
heeft vast een andere naam.





Afd. IV, 31, blad 13, Onleesbaar gedateerd, uitzicht op instorting en pomp met twee figuren.


Deze tekening is interessant.
Hij is gedateerd maar op de versie die het stadsarchief
op het internet heeft staan kan ik de datum niet lezen.
Ook het enkele woord van toelichting is onleesbaar.
Daarmee is wat er op de afbeelding staat een raadsel voor mij.
Aan de naam die ik aan de tekening geef moet dus niet te veel
waarde worden gehecht.
In dit schetsboek staan nog ten minste drie pagina’s
met handgeschreven tekst.
Ook die kan ik niet duiden.





Afd. IV, 31, blad 13, Uitkijkpost van stro.






Afd. IV, 31, blad 16, Ezel met tuig.


Van dat tuig is vast meer te zeggen dan ik kan.
Het lijkt me niet geschikt om de ezel te kunnen berijden.
Waar het dan wel voor dient is mij onbekend.




Het Turfschip van Breda IV (stripverhaal)

 

De verteller 

Dit stripverhaal bestaat uit een tekst die los gebaseerd is op het verhaal geschreven door Alphonse Timmermans.

Er is een beroemd verhaal: het paard van Troje. Het vertelt hoe door een list met een hol paard, de stad Troje werd overwonnen. De vergelijking met het Turfschip van Breda ligt nogal voor de hand.

Hier pakken we het verhaal weer op van de vorige editie. En dit maal is het voor het laatste deel.






Het Turfschip lag nog buiten het Kasteel.
De Italiaanse soldaten (die in Spaanse dienst waren)
sleepten het schip het Kasteel binnen.
Eenmaal in het Kasteel begon Van Bergen het schip te lossen.
Maar wilde natuurlijk daar niet te ver mee komen.
Dan zouden immers de Nederlandse soldaten ontdekt kunnen worden.
De knecht bleef maar pompen. Dat viel wel op.







Nu was het de vooravond van carnaval.
De stemming zat er al in dus stelde Van Bergen voor
een glas te gaan drinken in de stad.
Daar hadden de soldaten wel oren naar.







Willem van Bergen verliet inmiddels de stad om Prins Maurits
te vertellen dat het plan op schema lag.
De soldaten in het ruim waren onrustig en dat hoorde een van de wachters.







En weer was het Adriaen van Bergen die de missie redde.
Maar nu werd het toch echt tijd om in actie te komen.







Er worden schoten gelost, de Heraugiere raakt gewond.
De Spanjaarden delven het onderspit en slaan uiteindelijk op de vlucht.
De soldaten die in de stad waren zijn gealarmeerd
en schieten hun collega’s te hulp.
Hohenlo en Prins Maurits naderen de stad met versterkingen.







Met beperkte middelen werd zo een belangrijke slag geslagen.
De turfschippers speelden daarin een belangrijke rol.
Vandaar het standbeeld voor Adriaen van Bergen in Breda.





Ga maar eens kijken op het Stadserf.











Het verhaal van Troje inspireerde Gerrit de Morxc3xa9e tot ten minste deze twee illustraties.