Liu Xiaobo

Voor mij is het moeilijk te bepalen hoe onafhankelijk berichtgeving is
over een dissident als Liu Xiaobo.
Ik heb dit jaar een heel goed en prettig verblijf in China
mee mogen maken (zoals uit mijn web logs daarover
zal gaan blijken), maar kan toch moeilijk bepalen
hoe de vork nu precies in de steel zit.
Dit artikel van het Belgische tijdschrift Knack
lijkt me in ieder geval heel geinformeerd.


Chinese dissidente schrijver Liu Xiaobo
tot 11 jaar veroordeeld


Knack.be, 25/12/2009 11:00

‘De kip doden om de aap aan het schrikken te brengen.’
Volgens dat Chinese gezegde werd
de Chinese dissidente auteur Liu Xiaobo
vandaag in Peking tot een draconische straf van 11 jaar veroordeeld.

‘Het is beslist niet geruststellend dat de rechtbank
van plan is om het vonnis op Kerstmis bekend te maken.
Ze hopen dat de aandacht van de wereld
niet op hen gericht zal zijn,’
aldus het Amerikaanse PEN-centrum
over de Chinese autoriteiten die de aandacht willen afleiden
van de veroordeling van Liu Xiaobo,
China’s bekendste politieke dissident
en gewezen voorzitter van de Chinese PEN-club.

Liu Xiaobo, die op 28 december 54 jaar wordt,
is een schrijver en essayist die in de jaren negentig
als literatuurprofessor werd ontslagen
omdat hij opkwam voor de burgerrechten
en de vrijlating van de politieke gevangenen in China.
Hij bracht 15 jaar in de gevangenis en drie jaar in een werkkamp door.

Afgelopen woensdag verscheen Liu Xiaobo
na een jaar voorarrest weer voor een Chinese rechtbank.
Zijn proces achter gesloten deuren duurde minder dan drie uur.
Vandaag werd hij tot 11 jaar opsluiting veroordeeld
omdat hij bijgedragen zou hebben
tot de ondermijning van de Chinese staat.
Die beschuldiging steunt op de inhoud van zes essays
die hij op het internet heeft geplaatst.
Hij schreef er bijna 500 sinds 2005.

In feite neemt de Chinese dictatuur
vooral Liu Xiaobo’s rol in de oprichting van Charta 08 kwalijk,
een document waarin politieke vrijheden voor de Chinezen
en een democratische hervorming
van de politieke dictatuur in China wordt gexc3xabist.
Charta 08 is tijdens zijn korte bestaan op het Chinese internet
door meer dan 10.000 mensen ondertekend.

Charta 08, waarin ondermeer wordt aangedrongen
op het afschaffen van het monopolie
van de Communistische Partij
en ook van de strafwet krachtens welke Liu Xiaobo
nu werd vervolgd en veroordeeld,
werd meteen door de autoriteiten gecensureerd
toen het document eind vorig jaar
op het internet werd gepubliceerd.
Driehonderd ondertekenaars werden door de politie lastiggevallen.

Woensdag demonstreerden enkele aanhangers van Charta 08
voor de rechtbank waar het proces tegen Liu Xiaobo
zijn beslag kreeg.
Andrew Jacobs, correspondent van de ‘New York Times’
(24 december) in Peking, ontmoette een van hen:
Lei Ji, een 48-jarige werkloze arbeider,
spoorde 18 uur met de trein naar Peking
om zijn solidariteit met Liu Xiaobo te betuigen.

De verdedigers van Liu Xiaobo klagen
dat ze hun clixc3xabnt gedurende maanden niet konden zien
en dat ze pas twee weken voor het begin proces
op de hoogte werden gebracht dat het zou plaatsvinden.
Een team van diplomaten uit de EU, de VS en Canada
kreeg geen toegang tot de rechtszaal.
‘Ze zegden ons dat er geen plaatsen meer vrij waren,’
aldus werd Nicholas Weeks,
de eerste secretaris van de Zweedse ambassade,
door de New York Times geciteerd.

China-watchers menen dat de Chinese regering
minder dan ooit geneigd is om dissidenten speelruimte te geven.
Volgens de krant komt dit omdat China
een nieuw zelfbewustzijn ontleent aan zijn recordreserves
aan buitenlandse valuta en aan de toedracht dat het op dit moment
over de mondiaal veerkrachtigste economie beschikt.
Dat zou het regime nog harder en onbuigzamer
tegen politieke dissidenten doen optreden.

In een interview met ‘Human Rights in China’
(HRIC, 16 december) wordt die stelling genuanceerd
door Ding Zilin, een gepensioneerde 73-jarige professor
in de filosofie die aan het hoofd staat
van de beweging ‘Moeders van Tiananmen’.
Ding Zilin, wier 17-jarige zoon twintig jaar geleden
op het Plein van de Hemelse Vrede werd gedood,
is ervan overtuigd dat de autoriteiten Liu Xiaobo
eruit hebben gepikt om de andere ondertekenaars
van Charta 08 te intimideren.
Ze voegt eraan toe dat het regime zichzelf ondermijnt
door zo repressief op te treden: ‘Dit land is rot tot op het bot.’

De origineelste bijdrage in het debat kwam
van de bekende Chinese cyberdissidente Liu Di,
alias ‘Stainless Steele Mouse’,
die in een solidariteitsverklaring voor Liu Xiaobo
ook een proces voor zichzelf eist.
In naam van de gelijkberechtiging spreekt ze
de Chinese autoriteiten zo aan:
‘Volgens het principe van de gelijkheid voor de wet
moeten jullie mij als Liu Xiaobo’s medeplichtige
ook veroordelen, en geen selectieve rechtspraak toepassen
door een zo belangrijke criminele verdachte als ik er een ben
over het hoofd te zien.’
Ze voegt er dreigend aan toe dat Charta 08 zich spiegelt
aan het Praagse Charta 77 en aan Taiwans ‘Formosa Incident’ uit 1979:
‘De twee voorgaande campagnes zijn al gerechtvaardigd
door de geschiedenis, en dat zal ook voor Charta 08 gelden.’

Piet de Moor

Volgens Wikipedia zijn de fundamentele concepten van Charta08:

Vrijheid:
Die is de kern van alle universele rechten,
waaronder die op vrijheid van meninguiting, publicatie, geloof,
vereniging, vergadering en beweging.
Mensenrechten:
Die worden niet toegekend door de staat, maar zijn rechten
die iedereen geniet vanaf de geboorte.
De politieke rampen uit het verleden van China
zijn allemaal nauw verbonden met de veronachtzaming
van mensenrechten door de autoriteiten.
Gelijkheid:
Ieder is gelijk in economische, culturele en politieke rechten,
ongeacht sociale status, beroep, geslacht, economische situatie,
etnische herkomst, huidskleur, religie of politieke overtuiging.
Republicanisme:
xe2x80x98Samen regeren, samen in vrede levenxe2x80x99.
Het gaat om decentralisering van macht en het evenwicht van belangen,
gebaseerd op verscheidenheid en op basis van gelijkheid;
publieke zaken moeten vreedzaam worden afgehandeld.
Democratie:
De overheid wordt gekozen door het volk,
beslissingen van de meerderheid beschermen de basisrechten van minderheden.
Grondwettelijkheid:
De grondwet beschermt de vrijheden en rechten van burgers
en stelt grenzen aan de macht van de overheid.

Daar lijkt me niet zoveel tegen in te brengen.

Duran-Madonna

Gisteren al werd ik gewezen op een fout in mijn log van gisteren.
De afbeelding van de Maria en het kind is niet van een Middelrijns Altaarstuk
maar is een deel van een schilderij van Rogier van der Weyden:
Madonna in rood, Duran Madonna.
Al speurend op het internet om een en ander te bevestigen
kwam ik het volgende artikel tegen over Rogier van der Weyden.

ROGIER VAN DER WEYDEN
door Lucette ter Borg

Hij was de beroemdste schilder van zijn tijd,
geloofd en geprezen omdat hij
‘zo lovenswaardig menselijke zieleroerselen als droefheid,
boosheid of vreugde’ kon weergeven.
Maar over het leven en de persoon van Rogier van der Weyden,
geboren als Rogelet de la Pasture,
tast de wetenschap in het duister.
Soms is hij opgesplitst in drie verschillende kunstenaars.
Een andere keer is hij zowel de zoon als schoonzoon
van zijn grote voorbeeld Jan van Eyck.

Als kletspraat zich stapelt op kletspraat,
als de fantasie van de een zich vermengt met die van de ander
en als spinsel na spinsel mag woekeren en tieren, eeuwenlang,
dan is er eigenlijk sprake van groot geluk.
Wat een onderzoeksterrein ontvouwt zich
voor de preciese historicus die wil ontwarren en verklaren
dit zou zijn definitieve meesterwerk kunnen worden.
Wat een groots labyrint voor de woelmuis die wil wroeten
in archieven en kronieken en die iedere bron,
hoe onbeduidend ook, duidt, besnuffelt en betast.

Zo’n labyrint is de vijftiende-eeuwse schilder Rogier van der Weyden.
Hij is een groots, maar ook een rampzalig labyrint.
Groots, omdat de kunstenaar na zijn dood in 1464
veel gedaanten en rollen krijgt aangemeten.
Rampzalig, omdat over Van der Weyden haast niets
met zekerheid bekend is, behalve dat hij een beroemd meester was
met een bloeiend atelier in Brussel.

Als je terugkijkt, systematisch de bronnen afspeurt en aftast
tot het onzekere jaar bijvoorbeeld waarin de schilder geboren werd,
dan valt voor wat betreft Rogier van der Weyden
de ene na de andere zekerheid in duigen.

Neem de schilderijen.
Meer dan veertig daarvan gingen verloren in de loop der eeuwen:
ze verdwenen in de golven, werden in stukken gebeukt
door beeldenstormers of door vuur verteerd.
Zesendertig panelen hebben de tand des tijds doorstaan:
zij worden door de meeste, maar niet alle, experts
aan Van der Weyden en zijn atelier toegeschreven.
Van der Weyden zelf liet geen geschreven merkteken op zijn panelen na:
anders dan zijn tijdgenoot Van Eyck signeerde hij niets.

Dan zijn er de geschreven bronnen; beter gezegd,
die zijn er haast niet.
Van Van der Weyden is geen geboorteakte bewaard,
hoewel men aanneemt dat hij ergens tussen 1398 en 1400
in Doornik is geboren als Rogelet de la Pasture.
Zijn sterfdatum is wel bekend: op 18 juni 1464
werd hij begraven in de kapel
van de heilige Catharina in Sint-Goedele,
onder een steen waarop: ‘een doye’ staat.
In die tijd noemde hij zichzelf ‘Rogier uit Doornik, schilder te Brussel’.

Van alle jaren daartussen zijn nauwelijks documenten bewaard.
‘Maitre Rogier’ opent in augustus 1432 een eigen atelier in Doornik
– waarvan akte – en verhuist ergens in 1435 naar Brussel,
waar Filips de Goede zetelt in het hertogelijk paleis
op de Coudenberg in Brussel.
Hij trouwt en krijgt vier kinderen.
Maar alle verdere koopcontracten, inventarissen,
atelierinboedels, testamenten en reisbescheiden zijn verdwenen.

Die trieste speling van het lot heeft heel wat kunsthistorici
aan het werk gezet.
Wat nou, geen bronnen? Welgemoed ging men aan de slag.
Vlak na Van der Weydens dood al.
En waar de feiten stokten, kwam de fantasie te hulp.

Karel van Mander, de beroemde zestiende-eeuwse kunstenaarsbiograaf,
maakt het bont.
Op gezag van een iets oudere Italiaanse kunstenaarsbiograaf – Vasari;
splitst hij in zijn Schilderboeck (1604) Van der Weyden op in twee,
eigenlijk drie kunstenaars: de een woonde in Brugge,
de ander in Brussel (maar deze stierf weer als een ander).

Neem het Van Mander eens kwalijk,
die vermenging van Brugge met Brussel.
Hoe vrij ging men in de vijftiende eeuw met namen om:
Brussel kan ‘Prussel’ zijn, maar ook ‘Burselles’;
Brugge is ‘Brugia’, ‘Bruza’, ‘Brugies’ maar ook ‘Brugghe’.
Een druppel regenwater op het inkt van een contract,
en Brugge wordt Brussel, of omgekeerd.

Die in Brugge, zegt Van Mander, is een bekwaam tekenaar,
een leerling van Van Eyck.
Van Mander ‘meent’ enige werken van de schilder in Brugge te hebben gezien.
Maar zeker weet hij het niet.

Met meer zekerheid schrijft hij over
de ‘uitmuntende’ Rogier van der Weyden uit Brussel,
die zo ‘lovenswaardig’ ‘menselijke zieleroerselen als droefheid,
boosheid of vreugde’ kon weergeven.
Over zijn afkomst in Doornik weet Van Mander niets.
Hij laat de schilder geboren worden in Vlaanderen,
‘of van Vlaamse ouders in Brussel’.
Ook vertelt hij dat de kunstenaar rijk werd
hetgeen klopt, want Van der Weyden gaf tijdens zijn leven
veel aan charitatieve instellingen.
Een paar bewijzen daarvan zijn in kerk- en kloosterarchieven opgespoord.
Maar over de laatste uren van Van der Weyden
schrijft Van Mander weer lariekoek.
Volgens de biograaf sterft Van der Weyden in 1529
aan de ‘swetende sieckte’ – en verwart hem zo met Quinten Metsijs.
Ook over Van der Weydens leertijd is weinig bekend.
In de meest recente, kolossale, monografie
over de kunstenaar draagt de Vlaamse kunsthistoricus Dirk de Vos
vooral argumenten aan voor de gedachte dat Van der Weyden
een leerling is geweest van Robert Campin in Doornik,
die ook wel wordt vereenzelvigd met de Meester van Flemalle.

In de jaren vijftig echter denkt de kunsthistoricus Erwin Panofsky,
beroemd om zijn studie naar de verborgen symboliek
in het naturalisme van de Vlaamse primitieven,
dat Van der Weyden een leerling van Van Eyck is in Brugge.
En weer vijftig jaar daarvoor, in de negentiende eeuw,
is Van der Weyden schoonzoon en zoon van Van Eyck.

Een hechte familie dus volgens de overlevering.
En al is het onwaarschijnlijk dat Van der Weyden
werkelijk een leerling van Van Eyck is geweest,
verwantschap bestaat er ontegenzeggelijk tussen de twee.
Het is een verwantschap die natuurlijk is in de eerste helft
van de vijftiende eeuw.
Want Jan van Eyck zal met zijn perspectivisch correcte ars nova,
zijn meesterlijke scheppingen van tronende Madonna’s,
lijdende Christussen en van licht gloeiende portretten,
een voorbeeld zijn voor alle meesters die na hem komen.
Ook Van der Weyden leent zijn motieven
een handgebaar, een tafereel – en kopieert soms zodanig zijn stijl,
dat zelfs z’n grootste werk – het Laatste Oordeel
in het Hotel-Dieu in Beaune – heel lang aan Van Eyck zelf wordt toegeschreven.

Niemand evenaart Van Eyck, ook niet Van der Weyden.
Toch groeit hij na Van Eycks dood in 1441 uit tot de beroemdste schilder
van zijn tijd, met opdrachten voor vorsten en prelaten in Italie,
Frankrijk en Bohemen. Waarom?

Zijn stijl is eerder hortend dan vloeiend zoals die van Van Eyck.
‘Geciselleerd’ noemt men dat, als men positief wil zijn,
alsof de schilder de bewegingen van zijn personages,
de plooien in hun kleding in steen heeft uitgehouwen
en niet in verf op hout heeft gezet.

Dirk de Vos vergelijkt de panelen van Van der Weyden
terecht met polyfone muziek.
Die afgebakende stemmen, ieder voor zich hun eigen melodielijn volgend,
zie je vertolkt in de contrasterende kleurvlakken,
het diepe rood van Maria’s jurk,
de roze bleekheid van haar langgerekte handen, en het witte kleed
van haar Kind (op de Duran-Madonna in het Prado).



De Maagd en het Kind (Madonna Duran), Rogier Van der Weyden, Museo Nacional del Prado, Madrid.


Ook de illusie van ruimtelijkheid is minder groot dan bij Van Eyck.
Vooral bij de Kruisafname in het Prado,
een van de beroemdste panelen van Van der Weyden,
is dat duidelijk.
Negen figuren klitten hier in wanhoop samen rond de gestorven Christus.
Tien figuren rond een kruis, dat moet dus heel wat diepte opleveren.
Maar niet bij Van der Weyden:
Maria Magdalena die radeloos haar handen vouwt,
lijkt zo van het hout de kijker tegemoet te vallen.
En ook de bezwijmende Maria en de dode Christus
tuimelen bijna van het paneel af.

Ons doet zo’n frontale, ondiepe compositie gekunsteld aan,
we prefereren de illusionaire ‘levensechtheid’ van Van Eyck.
Maar in de vijftiende eeuw zag men die levensechtheid anders.
Men bewonderde Van Eyck, maar ook Van der Weyden.
De laatste dichtte men het wonderbaarlijke talent toe
om de Maagd Maria, Jezus en andere heiligen
bijna lijfelijk aanwezig te laten zijn op aarde.
Vanwege die kwaliteit ongetwijfeld omschreef in 1551 een Spaanse diplomaat
het paneel als ‘het beste schilderij, geloof ik, in heel de wereld’.
Men prees ‘de ademende gezichten, in contrast met het lichaam
(van Christus – red) als van een dode’.

Heiligheid wordt dank zij Rogier van der Weyden
een bijna alledaagse zaak.
Zijn verkondiging aan Maria bijvoorbeeld,
een triptiek dat hij na 1434 schilderde,
vindt niet meer in een onbestemde, naar wierook wasemende ruimte plaats,
maar heel gewoon in de slaapkamer van de Maagd.
Het is een nieuw motief dat na zijn dood
honderden malen gekopieerd zou worden.

En als Van der Weyden een devotiepaneel maakt van Maria,
schildert hij er een pendant bij met een portret van een gewone sterveling
– altijd een jonge man.
Op die manier benadrukt Van der Weyden wat hij belangrijk vindt:
persoonlijk in gesprek komen met God.
Een gesprek waarin tranen kunnen vloeien
en lichamen mogen verkrampen van smart,
maar waarin nooit de ideale maat der dingen uit het oog wordt verloren.

Zelfs in de dramatische altaarstukken die Van der Weyden
tussen 1450 en zijn dood in 1464 maakt, zoekt hij dat ideaal.
De figuren zijn gestileerd, hun voorkomen is ascetisch,
met zeer lange slanke handen, en smalle gezichten.
Tranen rollen overvloedig en Maria’s kleed raakt meerdere malen
besmeurd door het bloed van haar dode zoon.
Er is verdriet, maar we gillen dat niet uit.
Het is zoals een Italiaans bewonderaar in 1456 over Van der Weyden opmerkt:
‘De waardigheid wordt behouden te midden van een stroom van tranen.’

Katherina van Kleef / Jeroen Bosch





Volgens Gerrit van den Hoven.





Op donderdag 10 december 2009 verscheen er een bericht in BN/De Stem.
Het ging over de tentoonstelling in Museum Het Valkhof
over ‘De wereld van Katherina van Kleef’.
De stelling is dat Jeroen Bosch beinvloed zou zijn geweest
door de maker van of het handschrift zelf
dat bekend staat als ‘Het getijdenboek van Katherina van Kleef’.
Al eerder waren hier afbeeldingen te zien uit dit getijdenboek.
Zeker de Hellemond.
Maar het artikel geschreven door Gerrit van den Hoven overtuigt mij niet.

Arjan Peters: 5 december 2009

Van Karel van het Reve ken ik eigenlijk niets,
maar de volgende column van Arjan Peters
bevat een heel leuk verhaal van Reve:

Maar om dan te besluiten dat we in de maling worden genomen,
dat het niet kan xe2x80x93 een paard op het dak,
een groot kado door die kleine schoorsteen – , dat is te makkelijk.
Het is geen kwestie van waarheid of bedrog.
Het is een kwestie van geloof, hoop en liefde-
en dan kan er een hoop onverklaarbaars door de beugel.
Even een voorbeeldje, dat ik deze week vond bij Karel van het Reve;
vroeger, hoor je wel eens, toen de mensen nog niet wisten wat toneel was,
leefden ze in het theater zo mee met het opgevoerde stuk,
dat ze na afloop bij de artiestenuitgang woedend
de schurk stonden op te wachten.
Een vreemd verhaal, want je zou denken:
als die toeschouwers echt dachten dat de man die voor schurk speelde
ook een schurk wxc3xa1s, en geen toneelspeler,
waarom wisten ze dan dat hij na afloop
door de artiestenuitgang het theater zou verlaten?
En waarom dachten ze de hele avond dat ze vanuit de zaal van een theater,
het woord zegt het al, niet naar een toneelstuk zaten te kijken,
maar naar de werkelijkheid?
Waarom dachten ze dat ze een kaartje hadden moeten kopen?
Als ze geen toneelstuk gingen zien, had dat ook niet gehoeven.

Die mensen die bij de uitgang op de schurk wachtten
om hem ervan langs te geven, die waren helemaal niet dom.
Die geloofden niet in iets dat niet bestond.
Ze wisten heel goed dat de acteur in kwestie een acteur was xe2x80x93
maar ze wilden een symbolische bestraffing.
Dat komt vaker voor dan we denken.
In de jaren zestig waren ook veel weldenkende Nederlanders
tegen het huwelijk van Beatrix met Claus,
en niet omdat Claus een schurk was, maar omdat hij een Duitser was.
Door niet met hem te trouwen, zou prinses Beatrix het Duitse volk
symbolisch straffen voor het leed dat de Duitsers
in de oorlog hadden aangericht.
We weten heel goed wat symboliek is.

Denk dus niet, slimme ouders die nu luisteren en zweren bij realisme,
dat Sinterklaas niet bestaat.
Uw kinderen weten het beter.
Ook al zijn de bewijzen tegen hem, als we vanavond zingen dat hij bestaat,
dan zult ook u beloond worden.
Want zo is het ook nog eens: al gelooft u niet in hem,
Sinterklaas gelooft wel in u.
Er zijn dingen die eigenlijk niet kunnen, en toch waar zijn.
Het is net kunst.

Oeroeg III

Op een eerdere log stelde ik al terloops de vraag
hoe Indonesiers van vandaag de dag het boek Oeroeg zullen ervaren.
Op het internet bij De Groene Amsterdammer vond ik in een artikel
over Oeroeg en Hella S. Haasse een stukje over een reis,
eerder dit jaar gemaakt door de verslaggeefster en
een aantal andere mensen waaronder Hella S. Haasse naar Indonesie.
Tijdens dit bezoek aan Indonesia werden zes studenten in Jakarta
gevraagd hun mening te geven over het boek.
Interessant om te lezen en daarom herhaal ik het hier:

Wat vinden de Indonesische lezers van Oeroeg?

Het is een spannende bijeenkomst in het Komunitas Salihara, een open en modern cultureel instituut in Jakarta. Spannend vooral omdat de zes uitgenodigde studenten, allen studerend aan de University of Indonesia xe2x80x93 filosofie, geschiedenis, politicologie xe2x80x93 zich liever in het Indonesisch uitdrukken dan in het Engels. Een van de jongens, breed goeiig gezicht, steekt van wal, met een heuse Powerpoint-presentatie in de rug. xe2x80x98Oeroeg en het beeld van de native in koloniale tijdenxe2x80x99 heet zijn betoog. Daarna zal een tolk het werk moeten doen. De jongen vertelt dat hij Oeroeg net heeft gelezen, de avond ervoor. Vervolgens bouwt hij de spanning op door het boek tamelijk vlekkeloos, en in ieder geval neutraal, samen te vatten. Wij Nederlanders op de eerste rij zouden het wel uit zijn mond willen trxc3xa9kken: maar wat vind je er zelf van?Willem Nijholt, de officixc3xable lofredenaar van Oeroeg, en reeds op Java wegens filmwerkzaamheden, had het gisteren al gezegd, naar aanleiding van de vragenstellers in het publiek in het Erasmushuis: de Indonesixc3xabr is beleefd, en komt dus langzaam to the point.







Komunitas Salihara.





Het toenemend hartstochtelijke betoog van de student raakt inmiddels doorspekt met immer herkenbare termen als xe2x80x98kapitalistischxe2x80x99 en xe2x80x98revolutionairxe2x80x99. Even pauze, opdat de tolk ons kan inlichten.Droogjes spreekt hij in de microfoon: xe2x80x98Itxe2x80x99s a very interesting book.xe2x80x99 Het kapitalisme en de revolutie zijn lost in translation.







Compilatiefoto van het Erasmushuis in Jakarta met tulpen in een rijstveldenuitzicht.





Het is oneindig jammer dat het zo doorgaat met de leeservaringen van de andere studenten. Zo strijdvaardig als ze klinken, en zo giechelig en subversief als ze onderling zijn, de tolk strijkt alles glad. Exc3xa9n term komt echter herhaaldelijk bovendrijven: de xe2x80x98mooi-Indixc3xabxe2x80x99-attitude. Het wordt een beetje duidelijk: Oeroeg beschouwen zij als een exponent van die mooi-Indixc3xab-attitude. Waarmee ze doelen op de neiging het mooie te laten zien, van de bergen, van de natuur. Ondertussen wordt niet getoond wat er xe2x80x98echtxe2x80x99 gebeurde met de mensen. Tegelijkertijd verdient Haasse in hun ogen alle respect. Want, zoals de ideoloog van het gezelschap xe2x80x93 smal gezicht, brilletje xe2x80x93 het verwoordt: zij wil dat de menselijkheid overwint. Zij wil niet dat culturele verschillen conflicten tot gevolg hebben. Wat niet wegneemt dat ze het niet over Indonesixc3xab heeft, maar over Nederlands-Indixc3xab. En dat is voor hen definitief verleden tijd, zoveel wordt duidelijk.
xe2x80x98De schrijfster heeft een heel simpele manier om te zeggen hoe de ideale maatschappij eruitzietxe2x80x99, zegt een van de jongens, dikke paardenstaart in de nek. xe2x80x98Er zijn nu eenmaal verschillen tussen mensen, die moet je niet verdoezelen.xe2x80x99
De ideoloog: xe2x80x98In plaats van dat ze beschrijft hoe het echt zit, neemt de schrijfster haar toevlucht tot heavy exotism.xe2x80x99
xe2x80x98Oeroeg was mijn vriendxe2x80x99, citeert een Frans studerende jongen xe2x80x93 La peste van Camus is zijn lievelingsroman xe2x80x93 de openingszin. Om er wijsneuzig aan toe te voegen: xe2x80x98Maar in hoeverre is dat vriendschapsgevoel wederzijds? Oeroeg zelf zegt amper wat in dat boek.

Marja Pruis / De Groene Amsterdammer


Mooi of niet


Vrij Nederland is onlangs begonnen met een nieuwe serie
verhalen over kunst.
Willem Baars legt iedere keer uit waarom een kunstwerk
goed is of niet (mooi of niet).
Hier een voorbeeld van een werk van Jan Schoonhoven.
Nederlands kunstenaar en onderdeel van de zogenaamde nul-beweging.






























Jan Schoonhoven, Gerythmeerd Quadrantenrelief, 1968.





Willem Baars is gecertificeerd taxateur van Moderne en Hedendaagse kunst.
Hij heeft een eigen bedrijf dat Willem Baars Art Consultancy heet.
Hij schrijft een column over de internationale kunstmarkt
in Het Financieele Dagblad.
Dit artikel verscheen in Vrij Nederland van 17 oktober 2009.

Suikerfabriek / CSM in de sloop

Op 18 september 2009 stonden er in BN/De Stem een paar
mooie foto’s van het terrein van de Suikerfabriek.
Wij als amateurs kunnen dergelijke foto’s niet maken omdat
we geen toegang hebben tot het sloopterrein.
Daarom een gastoptreden van Ramon Mangold.
Hij is de maker van de volgende drie foto’s:





















Faces of the Frontiers

De ‘National Portrait Gallery’, onderdeel van het ‘Smithsonian Institution’
houdt een tentoonstelling met de naam Faces of the Frontiers.
Zeg maar: Gezichten van het Wilde Westen
of Gezichten van pioniers.
Na de ontdekking van Amerika in 1492 was natuurlijk niet op 1 dag
heel Amerika bekend en verkend.
Dat duurde heel wat jaren en ging gepaard met een grote
strijd tegen de oorspronkelijke bewoners van Noord-Amerika: de indianen.
Al die termen zijn misschien niet politiek correct maar
dan begrijpt u meteen waarover ik het heb.
Dat veroveren van Amerika op de indianen kennen wij
in een zeer geromantiseerde vorm uit de Westerns. De films.
Deze tentoonstelling laat foto’s zien, meest portretten,
van een aantal hoofdpersonen uit die tijd.
Er is een prachtige (Engelstalige) website met een groot aantal foto’s.
Die kunt u hier vinden.
Hieronder een paar voorbeelden van de foto’s en hun verhaal.





Charles DeForest Fredericks, Christopher xe2x80x9cKitxe2x80x9d Carson, circa 1863.


Kit Carson is een figuur die ook in boeken en films te vinden is.
Hij is een toonbeeld van een ‘trapper’,
een rondtrekkende Amerikaan die van het land leefde.
Actief in de oorlogen tegen de indianen.
Wordt in de blanke pers omschreven als een gentlemen
maar door de indianen als iemand die veel (onnodige) slachtoffers
maakte onder de indianen.





David F. Barry, Rain-in-the-Face, albumen silver print, 1888.


In de jaren na de ‘Battle of the Little Bighorn’ werd deze indiaan gezien
als de man die George A. Custer,
de bekende aanvoerder van de Zevende Cavalery, doodde.
Later spreekt Rain-in-the-Face dat zelf tegen.
Deze krijger wordt bekend door een gedicht van Henry Wadsworth Longfellow
genaamd: xe2x80x9cThe Revenge of Rain-in-the-Face.xe2x80x9d





Eadweard Muybridge, self portrait, 1872.


Op dit zelfportret van Eadweard Muybridge zit hij
tegen de stam van een beroemde boom.
De boom heet xe2x80x9cGeneral Grantxe2x80x9d en is een sequoia.
Muybridge is een pionier of het gebied van de fotografie
en maakte veel foto’s in bijvoorbeeld Yosemite Valley.
Daarmee was hij een concurrent van Carleton Watkins.
Het fotograferen van dieren in beweging (foto’s werden in het begin vooral
van stilstaande mensen of voorwerpen gemaakt)
fascineerde hem en hij ging er uitvoerig mee experimenteren.





George W. Potter, Calamity Jane, printing-out paper print, circa 1896.


Geboren als Martha Cannary.
Wij kennen haar waarschijnlijk het best uit de strip Lucky Luke
of de film met Doris Day.


Calamity Jane in Lucky Luke.


Doris Day in Calamity Jane.

Ze werd bekend door haar ‘ruziezoekend gedrag, onvrouwelijke kleding
en haar drankgebruik’.
Ze had een relatie met Wild Bill Hickok (bekende sheriff en gunman).
Ze werkte als verkenner voor George Armstrong Custer
en droeg sinds die tijd een uniform.
Werkte een tijd voor de Pony Express.
Later ging ze op tournee met wild-west shows (onder meer met Buffalo Bill).





James McClees and Julian Vannerson, Sam Houston, salted paper print, circa 1859.


Sam Houston was een aanvoerder van het Texaans leger
tijdens de Texaanse Revolutie in 1835 xe2x80x93 1836.
Zijn troepen zorgden er voor dat Texas onafhankelijk werd van Mexico
en hij werd de eerste president van de Republiek Texas.
Na de aansluiting bij de Verenigde Staten werd hij senator.
In 1859 werd hij gouverneur van Texas.





Thomas Easterly, Keokuk, 1847.


Deze foto van Keokuk is een van de eerste, nog bekende,
foto’s van een oorsponkelijke bewoner van Amerika.
Deze indianenhoofdman stond bekend als ‘Watchful Fox’.





Unidentified photographer, Andrxc3xa9s Pico, quarter plate daguerreotype, circa 1850.


Foto van een onbekende fotograaf.
Gemaakt rond 1850.
Prachtig kostuum.
Andrxc3xa9s Pico was de commandant van het koloniale leger
gedurende de Mexicaanse Oorlog.
In 1860 werd hij senator.




Bloemencorso Zundert 2009

Het was wel erg druk in Breda, afgelopen weekend.
= Braderie in het Ginneken;
= Roodharigendag;
= Koopzondag;
= Hippique;
= een wielerkoers in Breda;
en het Bloemencorso in Zundert.

Daarom ben ik maar nergens naar toe gegaan en ben ik gisteravond,
de dag na het bloemencorso, gaan kijken naar de wagens
op het feestterrein in Zundert.

Wat schreef de plaatselijke pers zoal?
BN/De Stem:








Voorpagina: Boeienkoning Lucas Gazpar van Buurtschap Laer-Akker-Molen.









Oehoe, Wernhout.









Rhino, Buurtschap Veldstraat.





Natuurlijk heb ik wat foto’s gemaakt.
De foto’s vind je hieronder.
Veel kijkplezier.





Koppig, Amarant.


















Haast abstracte kunst.












Het verhaal van de tovenaar van OZ.






Het verhaal van de tovenaar van OZ, detail.






Het verhaal van de tovenaar van OZ, de blikken man.






Het verhaal van de tovenaar van OZ, de tovenaar.








































































Zeeduivel van ’t Kapelleke.


Persoonlijk vond ik dit de mooiste wagen.
Deze monsterachtige vis bewoog prachtig
en ging daarbij bijna helemaal open.
Je kon daardoor goed zien hoe de makers van de wagen
de verschillende delen (vinnen, kieuwen, kop) in beweging brachten.
Met de fantastische geluiden een genot.
Doordat de wagen laag op de weg ligt is het fotograferen
met veel mensen er om heen niet goed mogelijk.
Doordat het een los/vaste constructie is geven delen van de vis
op een detailfoto geen goed beeld.
En nu staan de mensen voor de lens.
Dus de foto is niet fantastisch maar de wagen was dat zeker!






























































































En dan waren er nog heel veel nevenactiviteiten in Zundert.
Kermis en jaarmarkt.
De restanten daarvan zie je hieronder.















Als afsluiter: mijn toegangspolsbandje.









Suikerfabriek / CSM in de sloop

De volgende foto’s zijn vandaag 7 september 2009 gemaakt
door een van mijn gastcorrespondenten.
Dankzij deze foto’s kunnen we de werkzaamheden bij het slopen
van de voormalige suikerfabriek van CSM in Breda
op de voet volgen.














































Breda: de oude haven

Een tijdje terug kreeg ik een PowerPoint presentatie
met allemaal oude foto’s van de Haven in Breda.
De foto’s die ik het mooist vond kun je hieronder zien.

Voor de mensen die de geschiedenis van Breda niet (helemaal) kennen:
het water, de rivier de Aa, en de haven waren een belangrijke reden
voor het bestaan van Breda.

In de jaren ’60 van de twintigste eeuw was dat belang verdwenen.
Meegaan in de vaart der volkeren betekende parkeergarages
en verkeersaders.

Dus werd de Oude Haven gedempt en kwam er een garage,
benzinestation en weg voor in de plaats.

Stedebouwkundig sloeg het als een tang op een varken.
Er ontstond een grauwe vlakte met rijbanen dicht tegen de huizen
en daartussen geasfalteerde rijbanen waar eens het water stroomde.
Onder het asfalt was de garage.

Een paar jaar geleden is deze historische vergissing gecorrigeerd
en nu ligt er een prachtige haven en meanderend kanaal in de stad





Breda: Aankomst van Sinterklaas in 1956.


Leuke foto, maar eerlijk gezegd niet echt de haven.
Dit is de Academiesingel met rechts het boothuis van de KMA.





Breda, Barbara kathedraal (links) en haven, ongedateerd.






Breda: de firma Stoof haalt een wagen uit de haven, eind jaren ’40.






Breda: gedempte haven met autowasserette, ongedateerd.






Breda: Gedempte Haven, ingang ondergrondse parkeergarage, ongedateerd.


Het kenteken van de auto die hier de garage ingaat helpt me
om toch iets te zeggen over de datum waarop de foto is gemaakt.



De foto moet dus in 2002 of daarna gemaakt zijn.





Breda: gedempte haven, ondergrondse parkeergarage, datum onbekend.






Breda: gedempte haven in ‘volle glorie’. Reclamebord aan de lantaarnpaal ongeveer in het midden van de foto betreft reclame voor het Bredase restaurant De Sinjoor.






Breda, de haven in 1942.






Breda: de haven in de mist met sneeuw op straat, 1953.






Breda: IJspret in de haven in 1961.






Breda: panden aan de haven (aan de kant van het stadshart) met Grote Toren, datum onbekend.






Breda: rioolwerkzaamheden aan de haven (Kathedraalzijde), 1953.






Breda, schaatspret op de Haven, datum onbekend.






Breda: de sloop van de Hoge Brug gezien vanaf het Spanjaardsgat, 1964.






Breda, zicht op het voormalig postkantoor (Gebouw met torentje links, nu Luden) en de Vismarkt.


Beide gebouwen liggen aan de haven in Breda.
Ik ben wel benieuwd vanuit welk gebouw deze foto gemaakt is.




Kunst van de natuur, Ernst Haeckel

Toen ik een tijd terug op een website kwam die mij wel interessant leek
kwam ik een link tegen naar Ernst Haeckel.
Een Duitse wetenschapper die onder andere de leer van Darwin in Duitsland
bekend gemaakt heeft maar die ook zelf
veel wetenschappelijk onderzoek heeft gedaan.
Zijn opvattingen zijn niet altijd overal met open armen ontvangen
maar zijn kwaliteiten als tekenaar/illustrator
kunnen niet worden onderschat.

Een van zijn werken beschrijft de kunst van de natuur.
Door naar dit werk te kijken realiseer je meteen weer
waarom kunstenaars generaties lang gepoogd hebben de natuur
te evenaren (en gelijk ook waarom dat nauwelijks kan).
Het verklaart misschien ook wel ten dele waarom
kunstenaars zich soms afzetten tegen de natuur.
De volgende afbeeldingen van Plankton en Kolibries
laten zijn kunstenaarstalenten zien en tegelijkertijd
de onmogelijkheid de natuur te evenaren.


Ernst Haeckel, Cyrtoidea, plaat 31.

Volgens de summiere informatie op het internet die ik kan begrijpen,
gaat het hier om planktonachtige wezens uit de pre-historie.


Ernst Haeckel, Cyrtoidea, Alacorys Bismarckii, 200 x vergroot.


ErnstHaeckel, Cyrtoidea, Clathrocanium Reginae, 600 x vergroot.


Ernst Haeckel, Cyrtoidea, Dictyocodon Annasethe, 400 x vergroot.


Ernst Haeckel, Cyrtoidea, Pterocanium Trilobum, 300 x vergroot.

Ik vind ze prachtig.
Het lijken afbeeldingen die je vaak van een computerkunstenaar
ziet die Gothic-afbeeldingen maakt.


Ernst Haeckel, Afbeelding 99, Hummingbird.


Ernst Haeckel, Afbeelding 99, Steganura Underwoodi.


Ocreatus Underwoodii.

Blijkbaar veranderen de wetenschappelijke namen toch wel een beetje in de tijd.
Ik denk namelijk dat deze twee kolibries hetzelfde diersoort zijn.


 

De kop is er af

De sloop van de suikerfabriek zet zich door.
Vandaag ontving ik van een gastcorrespondent
de volgende foto’s die laten zien
dat het kantoor op de toren naast de silo’s
vandaag is gesloopt.
Mooie beelden.











Langzamerhand verdwijnen de ruiten.


















De kop is er (bijna) af.




U2 in Amsterdam

Wat een podium!





Ongelofelijk.




Hoi,

Het was geweldig.
Het podium was fantastisch mooi, met een groot rond beeldscherm,
maar de heren waren niet groter dan 5 cm schat ik zo in.
Dus je volgt het wel een beetje via het scherm
ipv dat je naar het “echte” podium kijkt.
Maar het geluid was geweldig.
Zelfs xxx was onder de indruk en als niet-fan “durft” hij wat kritischer te zijn.
Bono was heel goed bij stem die avond.
Geweldig gewoon, de hoogste noten zonder enig probleem.
Kippenvel momenten!! Ze zongen en speelden een formidabele show.
Dus geluid en show: wow!

En ik “citeer” Bono:
And ladies and gentlemen,
I have heard that Alexander and Maxima are in the audience tonight, yeah!!!

Ice baby, Ice

Nick Cobbing is een Engelse fotojournalist.
Hij maakt dus foto’s en heeft een voorliefde voor ijs en ijslandschappen.
Twee series zijn van zijn hand te zien op het internet:
Surface Tensions (oppervlaktespanningen)
en Noorderlicht.
De laatste serie heeft betrekking op een reis die hij gemaakt heeft
met een Nederlandse schipper/boot.
Geniet van deze prachtige foto’s.





Nick Cobbing, Surface Tensions.






Nick Cobbing, Surface Tensions.






Nick Cobbing, Surface Tensions.






Nick Cobbing, Noorderlicht.






Nick Cobbing, Noorderlicht.






Nick Cobbing, Noorderlicht.






Nick Cobbing, Noorderlicht.






Nick Cobbing, Noorderlicht.






Nick Cobbing, Noorderlicht.






Nick Cobbing, Noorderlicht.






Nick Cobbing, Noorderlicht.





Joel Grey

Joel Grey is een Amerikaan
die de laatste jaren opvalt door bijzondere fotoboeken.
Althans dat zegt de introductietekst die ik las.
De tekst gaat verder met:

For his third book, 1.3: Images from My Phone, Grey spent over a year shooting with the camera function of his Nokia phone and the result is a collection of photographs cut from diverse visual worlds: street art and still life, advertising and architecture, shadows and reflections, natural beauty and urban grit.



Voor zijn derde boek: 1.3 Foto’s van mijn telefoon,
bracht Grey een jaar door met het nemen van foto’s
door middel van de fotofunctie op zijn telefoon.
Het resultaat is een verzameling foto’s van verschillende visuele werelden:
straatkunst en stillevens,
advertenties en architectuur,
schaduwen en reflecties,
natuurlijke schoonheid en het stedelijke stramien.





Joel Grey, Reflection, 2009.









Joel Grey, Entangled, 2009.






Joel Grey, Stop, 2009.






Joel Grey, Sunlight, 2009.




De foto’s hadden geen van allen een naam of onderwerp.
Die heb ik daarom maar zelf verzonnen.

Prachtige portretfoto's door Cecil Beaton

De ‘gastcorrespondent’ vandaag is Cecil Beaton.
Een topfotograaf uit de vijtiger en zestiger jaren van de vorige eeuw.
Een beetje de officixc3xable Engelse hoffotograaf.
Maar wat een portretten!

Bij alle vier de foto’s is het de houding van het onderwerp
en de setting van de foto die het zeer geslaagde foto’s maken.





Cecil Beaton, Audrey Hepburn, 1960.






Cecil Beaton, Francis Bacon, 1951.






Cecil Beaton, Jackie Kennedy – Onassis, 1951.






Cecil Beaton, The official coronation portret of Queen Elizabeth II.


De officixc3xable foto ter gelegenheid van
de kroning van koningin Elisabeth II.




Chinese sprookjes, propaganda,…

De volgende afbeeldingen komen van een site
waar Chinese ‘posters’ worden getoond.
Het gaat om grote posters maar ook om bijvoorbeeld
kalenderafbeeldingen.
Het betreft reclame, overheidsmededelingen, sprookjes,
propaganda, leugens, aanmoedigingen, postbus 51-meldingen,……
Het zal van je politieke opvattingen afhangen wat je vindt dat het zijn.
Apart zijn ze wel.





Chinese kalender: Meer! 1976.






Chinese kalender: Bloemen van vriendschap, 1977.






Chinese kalender, Happy new year, 1976.






Ik hou van werk!.






Poster, Our most beloved leader chairman Mao meets revolutionary teachers and students in the masses at Tiananmen Gate Tower, December 1966.


Zeer opmerkelijke poster.
Voorzitter Mao staat wat afwezig, centraal in een enthousiaste menigte.
Bij hem staan Lin Biao (rechts, concurrent van Mao die niet vee later
door Mao van het toneel zal verdwijnen) en Zhou Enlai (links).
De vertaling van de boodschap is: Onze meest geliefde leider, voorzitter Mao,
ontmoet temidden van de massas, revolutionaire onderwijzers en studenten
bij de Tiananmen poortgebouw.
Dat Mao wat afwezig op de posters staat schijnt een ‘stijlkenmerk’ van dit soort
posters uit die periode te zijn.
En dan al die Rode boekjes. Lin Biao is daar de samensteller van.
Wat mij nog het meest opvalt is dat Zhou Enlai (moderne Westerse spelling)
zo apart, niet revolutionair gekleed, er bij staat.
Hij klapt wel maar in de Oosterse cultuur is het niet altijd duidelijk
voor een Westerling of hij voor zichzelf,
Mao of de jeugd in zijn handen klapt.





Chinese kalender, Voetbal, 1977.






Poster, Working women are a great revolutionary force, april 1973.


Werkende vrouwen zijn een grote revolutionaire kracht.