– over een bezoek aan de Universiteitsbibliotheek Leiden –
Het was alweer een tijdje geleden dat ik in Leiden was geweest.
Ik ga er graag naartoe:
RMO, Japanmuseum Sieboldhuis, Hortus Botanicus,
Wereldmuseum Leiden, Museum de Lakenhal— noem maar op.
Maar deze keer voelde het extra spannend:
Ik wilde in de Universiteitsbibliotheek een boek gaan inzien.
Universiteit Leiden is een bastion van kennis:
er is heel veel kennis en die wordt streng bewaakt.
Zodra je het gebouw binnenloopt, word je meteen gestopt door een rij poortjes:
geen account is geen pasje; geen pasje is geen toegang.
Online gaat overigens nauwelijks beter:
Voor elke vorm van boekinformatie heb je een account nodig.
En dat account kun je alleen in Leiden zelf laten aanmaken.
Heb je eenmaal een account, dan betekent ‘online’ iets anders
dan je zou denken.
Je mag materiaal alleen inzien via een computerscherm
binnen het Leidse netwerk.
Niet vanuit huis.
Overigens schijnt deze werkwijze normaal te zijn in de universitaire wereld
— vooral bedoeld om grote uitgeverijen te beschermen
Ik meldde me bij de balie.
Het boek was aanwezig, niet in depot, maar op zaal.
Het boek: Osvald Sirén, Chinesische Skulpturen
der Sammlung Eduard von der Heydt (1959)
In Leiden bekend onder de code NB1042 .Z84 1959.
Als ik een weekpas liet maken (12,50 euro), konden ze me binnenlaten
en kon ik het boek inzien.
Dus liet ik die weekpas maken.
Eerst door de poortjes.
De baliemedewerker wees me de weg naar een zaal
met bibliotheekmedewerkers achter een balie.
Daar legde ik uit wat ik zocht.
Een van de medewerkers ging met me mee naar een zaal
op de verdieping lager.
Een grote ruimte gevuld met kasten, kasten en kasten.
Vol met boeken — eindeloos veel boeken.
Na een korte wandeling — het kan er een doolhof lijken —
werd het boek gevonden.
Ik had een groot, dik, bruin boek verwacht, met vergeelde pagina’s.
Maar het bleek een niet al te dik boek, handzaam van formaat.
Met tekst en zwart-witfoto’s op hoogglans papier.
Osvald Sirén, Chinesische Skulpturen der Sammlung Eduard von der Heydt (1959).
Met de telefoon in de aanslag voor eventuele foto’s,
schoof ik aan een lage tafel ergens midden tussen al die boekenkasten.
Daar zaten een klein tiental studenten:
scherm voor zich, boek(en) erbij, koptelefoon op.
Het schutblad.
Ik zat dicht bij kunstboeken over— en soms uit — India.
Dus eigenlijk een heel verkeerde plaats.
Mijn blik ging steeds naar die kasten en de titels van de boeken:
Kunst uit Mysore (in drie delen), Gazetteer of the Bombay Presidency,…
Titelpagina.
Even verderop stonden alleen maar Chinese boeken
— waarover, geen idee, ik lees geen Chinees.
En trouwens: in de Universiteitsbibliotheek Leiden kunnen het net zo goed
Japanse boeken zijn.
Eerst heb ik het boek rustig verkend:
= het is tweetalig, Duits en Engels;
= het is een uitgave van het Museum Rietberg;
= het is een eerste deel in een geplande serie.
Of die serie ooit volledig verschenen is, weet ik niet.
Het doel: de belangrijkste deelverzamelingen van Eduard von der Heydt
— die consequent ‘baron’ wordt genoemd —
in beeld te brengen.
Het colofon.
Ik heb me geconcentreerd op het volgende:
– de algemene inleiding (introduction to the Buddhist sculptures)
Ik heb er al snel een deel van gelezen.
De ‘gemeenschappelijke’ kenmerken van groepen voorwerpen
worden hier besproken, zodat die later
— bij de bespreking van elk individueel object
— niet steeds hoeven te worden herhaald.
Een begrijpelijke werkwijze, maar wel een die gemakkelijk tot tunnelvisie leidt.
Het nodigt uit tot snelle aannames op basis van algemene kennis,
waardoor de individuele kenmerken van een object
gemakkelijk worden genegeerd
Dat merk ik ook in mijn vraag-en-antwoordspel met Copilot.
Die vervalt gemakkelijk in algemene kenmerken
— ‘donors zijn typisch mannen, vrouwen en soms zelfs kinderen’ —
terwijl een individueel object vaak een heel ander beeld geeft.
Daar moet ik dan op corrigeren.
De inhoudsopgave.
– 14. Votive stele (RCh 109). Beginning of the sixth century. Probably from Honan. Height 80.70 in.
Deze stele kwam eerder aan de orde op mijn blog.
Ik omschreef hem toen als:
‘Stele depicting Buddha and two bodhisattvas, China, Northern Wei Dynasty,
early 6th century CE, kalkstein. Geschenk Eduard von der Heydt. RCH 109.’.
Opmerkelijk zijn de beschadigingen die op de oude foto’s duidelijk zichtbaar zijn,
maar die ik live — en ook op mijn eigen foto’s — niet heb gezien.
Daarnaast blijkt — in tegenstelling tot wat ik eerder meldde —
de tweede hand van de Boeddha wél zichtbaar.
Op tafel in de bibliotheek. De achterkant van het boek.
– 22. Votive stele (RCh 111). Dated March 1st, 536. From Honan. Height 40.55 in.
Deze stele kwam eerder aan de orde op mijn blog.
Ik omschreef hem toen als:
‘Votive stele depicting Buddha Shakyamuni, China, Henan province,
Eastern Wei Dynasty. Dated 536 CE. RCH 111.
Geschenk Eduard von der Heydt.’
Opmerkelijk is de restauratie aan het hoofd van de Boeddha.
Sirén noemt bovendien de figuren op het gordijn dat de aanzet vormt tot de nis.
Daarnaast bespreekt hij ook de achterkant en de zijkanten van de stele
— en hij heeft daar zelfs foto’s van.
Afsluiting
Dit bezoek aan de Universiteitsbibliotheek leverde meer op dan ik had verwacht.
Niet alleen het boek zelf, maar ook de manier waarop Sirén beschrijft,
ordent en soms weglaat, opent nieuwe vragen.
In drie volgende berichten ga ik dieper in op de inleiding van het boek
en op de twee steles die ik eerder op mijn blog besprak.
Dit was pas het begin.
De voorkant van Chinesische Skulpturen der Sammlung Eduard von der Heydt (1959).






