Darkest Hour

GaryOldmanInDarkestHourPhotoByJackEnglish2017

Gary Oldman in Darkest Hour. Foto van Jack English, 2017.


Afgelopen vrijdag zag ik deze film.
Twee invaldhoeken kwamen bij mij op toen ik naar deze film keek:
= de historische gebeurtenissen, zeg maar het verhaal zoals dat gepresenteerd wordt.
= leiderschap, wat is echt goed leiderschap.

De eerste invalshoek levert een mooie film op.
Goed gemaakt met een fantastische Gary Oldman.
Met overtuiging, met prachtige decors en prachtig taalgebruik.
Maar de meeste feiten zijn al bekend.
Veel kijkers zullen daar dus niet door getroffen zijn.
Dat is meteen de archilleshiel van de film.
Gelukkig zit er voldoende humor en spanning in de film
om Oldman het verhaal te laten dragen.

De tweede invalshoek is interessanter.
Je zou kunnen beweren dat we in de film een politicus zien
die populistische trekken heeft en zich apart gedraagd.
Maar veel meer dan iemand met reclameslogans en toespraken
waarvan de inhoud bepaald wordt door enquetes of ‘alternate facts’,
die zich opvallend gedraagt om op te vallen en stemmen te trekken,
zie je een overtuigd politicus die een visie heeft en die
er alles aan doet om die visie uit te dragen.

Achteraf is het natuurlijk eenvoudig de kant van Churchill te kiezen
tegen een dictator die een massamoord op miljoenen Europeanen
zou plegen maar op dat moment was dat niet zo evident.

Dan wordt duidelijk dat we hier te maken hebben met een echte leider.
In de Nederlandse politieke arena zien we veel populisten
die alleen maar bezig zijn met hun eigen belang en zich graag voordoen als leider.
Van Marijnissen (kies maar welke je wil) tot Baudet.

De internationale politieke arena behoeft geen toelichting lijkt me.

De tweede invalshoek levert voor mij ineens een verrassend actuele film op.

*****

Gertrude Bell: feminisme, archeologie en politiek

In het Rijksmuseum Voor Oudheden zag ik een film liggen
over Gertrude Bell. Eerder had ik nog nooit van haar gehoord.
Vandaag zag ik de documentaire.
Het is een soort hoorspel met beelden.
De filmbeelden zijn afwisselend historische beelden, foto’s
gemaakt door Gertrude Bell, krantenfoto’s uit die tijd en
oude filmbeelden.
Prachtige zwart/wit beelden van Baghdad en Mosul, Jeruzalem en London.
Je ziet haar en T.E. Lawrence naast Churchill bij een conferentie.
De gesproken teksten zijn voorgelezen brieffragmenten van Gertrude
en haar tijdgenoten.
Ze verbleef lang in het Midden-Oosten en speelde een rol in de totstandkoming
van Jordanie en Irak.

De Engelstalige Wikipedia (de Nederlandstalige is maar vier regels):

Gertrude Margaret Lowthian Bell, CBE (14 July 1868 – 12 July 1926) was an English writer, traveller, political officer, administrator, and archaeologist who explored, mapped, and became highly influential to British imperial policy-making due to her knowledge and contacts, built up through extensive travels in Greater Syria, Mesopotamia, Asia Minor, and Arabia. Along with T. E. Lawrence, Bell helped support the Hashemite dynasties in what is today Jordan as well as in Iraq.

She played a major role in establishing and helping administer the modern state of Iraq, utilising her unique perspective from her travels and relations with tribal leaders throughout the Middle East. During her lifetime she was highly esteemed and trusted by British officials and given an immense amount of power for a woman at the time. She has been described as “one of the few representatives of His Majesty’s Government remembered by the Arabs with anything resembling affection”.

WP_20171119_15_38_17_ProLettersToBaghdadGertrudeBell

De documentaire is niet ondertiteld dus er is wat aandacht bij het bekijken en beluisteren nodig. De beelden zijn prachtig.


Laurent Binet: HhhH

 photo DSC_0855HimmlershersendhetenHeydrich.jpg
Himmlers hersenen heten Heydrich.

Ongetwijfels een van de beste geschiedenisboeken die ik ooit gelezen heb.
Het boek hoort in het rijtje met onder andere:
Barbara Tuchman, De mars der dwaasheid
Ian Kershaw, Hitler
Sebastian Haffner, Churchill

Een groot verschil is de vorm. HhhH is een roman.
Dat staat althans om de omslag.
Naar mijn gevoel is dat meer een ‘excuus’ voor de vorm van het boek.
Het boek bestaat uit twee delen.
Deel 1 omvat 221 hoofdstukken (op 273 pagina’s).
Deel 2 omvat 36 hoofdstukken (op 70 pagina’s).
Deel twee begint met de tekst: “De bom ontploft….”.
Kortom deel een gaat over de aanloop naar de aanslag.
Deel 2 begint bij die actie van de aanslag die uiteindelijk
dodelijk zal blijken te zijn.

Het boek is geschreven door een soort alwetende verteller die
toegeeft niet alles te weten. Die aangeeft dat er rond de aanslag
veel verhalen de ronde doen die veel tijd en energie vragen
om te onderzoeken om soms tot de conclusie te moeten komen dat
het verhaal niet waar is.
Veel vaker is het onderzoek minder duidelijk, grijs.
Er zijn vaak meerdere lezingen die allemaal waar kunnen zijn.
De schrijver maakt ons deelgenoot van zijn zoektocht,
zijn persoonlijke betrokkenheid en persoonlijke mening.

Kort samengevat plegen drie personen die
door hun regering in balingschap vanuit Londen in Praag terrecht komen.
Hun doel is om een van de topnazi’s uit te schakelen:
Heydrich, tweede man van de SS, medebedenker en uitvoerder van de Holocaust.

Het boek staat vol met interessant informatie.
soms moet je natuurlijk even doorzoeken.
In het begin van het boek zijn er parallelen met het boek
van Umberto Eco De begraafplaats van Praag.
In beide boeken komt het ontstaan van de rassenleer van de nazi’s
aan de orde. Binet verwijst naar de ‘Standaard van Gobineau’.
Gobineau is de Fransman die een theorie ontwikkeld
waarin een superieur Indo-Europees ras voorkomt: de Ariers.
Hoofdtuk 37 van HhhH gaat over een vervalst document (zie ook Eco).
De namen van de mensen op die vervalste lijst zullen de
‘Nacht van de Lange Messen’ (30 juni 1934) niet overleven.
Heydrich is de opsteller van de lijst, volgens Binet.

In hoofdstuk 44 nog meer vervalsingen. De bekendste vervalsing
heeft te maken met het creeeren van een aanleiding
om Polen binnen te kunnen vallen.
Hier gaat het erom een Russisch militair in ongenade van Stalin
te laten vallen zodat hij (en andere militaire topstukken)
uitgeschakeld zullen worden:
“Daarvoor doet hij een beroep op zijn beste handlanger, Alfred Naujocks,
specialist in louche zaken.
Gedurende drie maanden zal Naujocks een reeks vervalsingen
in elkaar zetten met de bedoeling de Russische maarschalk
in opspraak te brengen.”
“Wanneer het dossier compleet is, geeft Heydrich een van zijn mannen
opdracht het te verkopen aan een agent van de NKVD.
De ontmoeting geeft aanleiding tot een schitterende spionage-
uitwisseleing, want de Rus koopt het valse dossier
van de Duitser met valse roebels.
Ze denken allebei dat ze de ander erin laten lopen,
maar ze worden zelf bedrogen.”

Doet je toch vraagtekens zetten bij lekkende documenten.
Ook die van vandaag de dag.

Hoofdstuk 50, over de reis van Kolonel Moravec,
hoofd van de Tsjecho-Slowaakse geheime dienst van Frankrijk
door Duitsland naar Praag terwijl Hitler net Oostenrijk
bij Duitsland heeft ingelijfd.
“Ik probeer me de reis voor te stellen. Hij probeert alles
natuurlijk zo onopvallend mogelijk te doen. Hij spreekt Duits, dat wel,
maar ik weet niet zeker of zijn accent boven alle twijfel is verheven.
….
Uit voorzorg kiest Moravec voor het kopen van een kaartje
waarschijnlijk toch voor de lokettist met het vriendelijkste gezicht
of met de minst snuggere uitstraling.
Ik denk dat hij, eenmaal in de trein, een lege coupe zocht en ging zitten.”

Dit is de roman. Binet deelt zijn gedachten in de vorm van een
spannende thriller. Tegelijk geeft hij aan op welk detailniveau
hij jaren gezocht heeft naar informatie om het verhaal
in dit boek te kunnen vertellen.
Soms is die informatie eenvoudig (nog) niet aanwezig of is die
nooit ergens vastgelegd.

Hoofdstuk 95 begin met de volgende zin:
“In Polen introduceert Heydrich zijn meest duivelse schapping:
de Einsatzgruppen”.
Binet weet de spanning er in te houden en maakt zijn punten duidelijk.
Heydrich is een belangrijke schakel in de nazi-moordmachine.
Hij vervolgd:
“Het zijn speciale ss-troepen, samengesteld uit leden van de SD
of van de Gestapo, die tot taak hebben de zones te zuiveren
die de Wehrmacht heeft bezet.
Iedere eenheid krijgt een boekje waarin op flinterdun papier
en in minuscule lettertjes alle noodzakelijke informatie staat,
te weten een lijst met alle personen die naarmate het land
verder bezet raakt, moeten worden geliqideerd. Dat wil zeggen
communisten, uiteraard, maar ook leerkrachten, schrijvers, journalisten,
proiesters, industrielen, bankiers, ambtenaren, handelaars, herenboeren,
notabelen van elke soort……”