Reisverslag India 2004 (32): Dunguriya Kondh

20/11/2004
Vanochtend een bezoek gebracht aan de Dunguriya Kondh op de Niyangiri Hill.
Onderweg werd ik door de spoormedewerkers in een seinhuisje uitgenodigd
om binnen te komen kijken.
We moesten stoppen voor een trein.
Dat was bij Bissam Cuttack West Cabin.

Een jongensdroom die uitkomt.
Thuis altijd met treinen gespeeld.
Nu mocht het even ‘voor het echt’.

Geweldig.





De twee dorpen die we bezochten waren mooi gelegen in de heuvels.
De wandeling ging behoorlijk omhoog.
Mijn haar is vies maar ik kan het niet wassen omdat er zo weinig water was
op de plaats waar we overnachtten.
Maar goed iedereen is vies.
Het is warm, 20+ (dat is in de vroege ochtend als we uit bed komen).

Voorouderverering. Plaats van gebed.

Tekening op de muur van rijstmeel/poeder.

Interieur van gemeenschapsruimte.

Dorpsplein met totem.

Ik weet niet meer waarvoor dit gebouwtje precies diende.

De Kondh-vrouwen kunnen meestal wel gefotografeerd worden voor geld.
Maar de meesten zijn nu op het veld aan het werk.
De mannen, uitgerust met bijl en mes, willen nooit op de foto.
De vrouwen verkopen ons een kleine dolk en een mondharp (50 RP en 300 RP).
De huizen die aan elkaar worden gebouwd (als rijtjeshuizen) hebben daken die bijna tot op de grond komen.
Je moet er zowat inrollen.

Deze haarspeld ligt nu als decoratie in onze woonkamer.

Forse armband.

Varkentjes in de zon. Gewild fotoobject.

Eetbare wortels. De naam ben ik vergeten.

Deze dame fungeert als paspop voor alle souveniers die we kunnen kopen:
omslagdoek, haarspelden.Zie ook de oorbellen.

Wat de tekst op de muur bij het schooltje precies betekent weet ik niet.
Ik vond de tekening van de mensen zo leuk.

De kamer van de ‘Multi purpose worker’. Zeg maar onderwijzer.

Het tafeltje van 6.

Aap, noot, Mies……

En nu maar tellen.

De dorpswinkel. In het algemeen zijn de mensen een stuk kleiner dan wij.
Maar het dak is wel erg laag. Wel goed tegen de zon natuurlijk.

Bij een winkeltje koop ik een koekje (1 RP) tegen een veel te hoge prijs
en deel hem met wat kinderen.
Het koekje is een soort gele rijstcilinder en is niet machinaal verpakt.
Een van de dingen die men ons probeert te verkopen is een tondeldoos.
Een doosje met een stukje katoen en een vuursteentje (2×2 cm) en een stukje ijzer.
Je kunt ermee een smeulend vuur maken dat je een tijdje bij je kunt dragen.

Ik kende dit voorwerp alleen maar vanuit verhalen, ik had er nog nooit een gezien.
Nog eens gezocht op internet,
maar er zijn maar weinig afbeeldingen van te vinden.
De volgende heeft wel wat weg van wat ons te koop werd aangeboden:

Tondeldoos
objectnaam xa0doos, tondeldoos
xa0datering begin 19e eeuw
xa0materiaal ijzer ; hout ; hennep
xa0afmetingen xa0L 12 cm ; B 11 cm ; H 3.6 cm (gestrekt neergelegd)
H 5 cm ; B 11 cm ; D 4 cm (rechtop neergezet)
verwerving 1883 JAPAN aankoop
herkomst Japan

Een tondeldoos is een voorloper van de aansteker:
hij dient voor het produceren van vuur.
In het houten kokertje zit een slagsteen,
die tegen het ijzer geslagen wordt om vonken te maken.
Die vonken laat je afspringen op brandbaar materiaal om vuur te maken.
Het setje kan aan het koordje aan de ceintuur gehangen worden.

Demonstratie tondeldoos voor beginners.

Andere zaken die te koop werden aangeboden:
geborduurde doek, koperen beeldjes, armbanden, ketting om rond je middel te dragen.
We hebben in een van de dorpen gesproken met de “Multi Purpose Worker”.
Deze man is oa onderwijzer voor de kinderen.
Als we tussen de middag rusten, terug op de slaapplaats, blijken we niet alleen te zijn.
Een aantal families, gezinnen, komen op het terrein bij elkaar voor een picknick.
Rashmi geeft intussen de grote baas van het complex (de bungalow zonder stromend water)
en zijn vrouw ook wat te eten en te drinken.
Immers, uiteindelijk heeft hij wel in de bungalow geslapen.
Ik bekijk dit tafereel vanaf een betonnen verhoog
waar ik op lig met een medereizigster en een aantal lokale mensen.
De kippen tokkelen er lustig op los en kinderen spelen overal.
Regelmatig komen de kinderen nieuwsgierig bij ons kijken.
Deze pleisterplaats ligt in de schaduw van een aantal bomen.
Heerlijk in de schaduw met een beetje wind.
In de middag nog een dorpje bezocht
en een dorp waar souveniers worden gemaakt en verkocht (handicrafts).

Onze lunch. Deze eetgelegenheid vertrouwde ik niet. Ik heb er nauwelijks gegeten.
De eerlijkheid gebied te zeggen dat ik deze vakantie helemaal niet ziek ben geweest
en dat niemand van onze groep ziek is geworden van het eten bij dit restaurant.

Allemaal gezellig naar de kapper.

Tijdens een stop onderweg liep ik door het dorp en zag dit gebouwtje.
Ik heb de gids nog gevraagd waar het voor dient.
De houten paal in het midden is een belangrijk instrument.
Maar ik heb er niets over opgeschreven en ben inmiddels vergeten
waar dit nu precies voor diende.
Jammer.

Mondharp in foedraal.

Mondharp uit foedraal.

Dit was in het souvenierdorp.
De mensen leven er van het maken van souveniers.
Deze olifanten worden gemaakt door dunne stukjes metaal
te leggen over een mal.
De mal is van een wassoort dus na verwarming verdwijnt de was,
blijft het beeldje over.

Het resultaat.

De smeltoven. De man bedient de blaasbalg die langs onder
het vuur aanwakert.

De smeltvorm. Dit is een andere techniek dan net hierboven beschreven.
Het beeldje bevindt zich in de kleivorm. Langs de tuit
loopt het metaal naar binnen terwijl de was wegsmelt.
Onze ‘beeldjes’ zijn zo gemaakt.

Onze ‘beeldjes’.

De kudde komt thuis.
Onder leiding van een aantal herders is het vee van het hele dorp
de hele dag weggeweest en komt nu thuis.

De dorpsstraat. Aangelegd door de overheid.

SAMBAR HERT
De Sambar (ook wel paardhert genoemd, Cervus unicolor)
is het grootste en wijdst verspreide hert in Zuid-Azie
(16 ondersoorten van India en Sri Lanka
tot in China en Taiwan
en zuidoost-waarts tot Sumatra, Borneo en de Filippijnen).
Het dier is donkerbruin van kleur en heeft stug haar,
dat op de nek manen vormt.
Het grote gewei omvat slechts 6 enden en wordt rond November-December afgeworpen.
Afmetingen en kleur varieren nogal over het grote verspreidingsgebied.
De Sambar leeft weinig sociaal in kleine kudden
in dichte vegetatie en is m.n. een nachtdier.
Een aantal ondersoorten, vnl. die van kleine eilanden,
wordt met uitroeiing bedreigd,
andere vormen zijn nog algemeen.
Sambar en Javaans hert vormen samen het ondergeslacht Rusavan het herten geslacht Cervus.
De tijger is de belangrijkste natuurlijke vijand.
Een volwassen tijger kan zich 4 dagen voeden met 1 hert.
Anders dan andere herten, kijkt de Sambar bij gevaar
eerst de kat uit de boom terwijl hij alarm-geluiden uitstoot tot het gevaar geweken is.
Ondanks het feit dat hij zeer scherpe zintuigen heeft, loopt dit vaak slecht af.

Bovenstaande tekst komt van de Nederlandse website Het gewei.
Deze site gaat helamaal over herten.
Ik ben er niet zeker van dat het dier dat op de foto’s staat een Sambar is.
Maar het komt het dichts bij wat we gezien hebben.