Petrus van Schendel

Schendel, Petrus van (1806-1870)

Schilder van kaars, lamp en lichten.

Auteur: W.M.J.I. van Giersbergen
Op 21 april 1806 werd Petrus van Schendel geboren in Terheijden
als zoon van Gijsbertus van Schendel en Geertruida Brox.
Na de dood van zijn vader verhuisde het gezin naar Breda.
In 1830 trouwde Petrus met de Amsterdamse Elizabeth Grasveld.
Uit dit huwelijk werden dertien kinderen geboren.
Elizabeth stierf in 1850 in Brussel.

Petrus hertrouwde in 1851
met de vijftien jaar jongere Amsterdamse Johanna Eyrond.
Uit dit huwelijk werden nog twee kinderen geboren.
Johanna overleed al op 32-jarige leeftijd, twee jaar na haar huwelijk.
Daarop trouwde Van Schendel in 1854
met de Brusselse weduwe Isabelle van Wilder.
Petrus van Schendel stierf op 28 december 1870 in Brussel.

Petrus van Schendel, An evening delight, 1847.

Al vroeg werd Petrus’ tekentalent ontdekt door een gepensioneerd officier
die hem adviseerde een kunstopleiding te volgen.
Vertrouwend op het advies van de officier stuurde de familie
Petrus naar Antwerpen.

Daar genoot hij van 1822 tot 1828 onderwijs
aan de Academie voor Schone Kunsten,
die geleid werd door de historieschilder Matthijs van Bree.
Wilde men als Brabander in het begin van de vorige eeuw
gedegen kunstonderwijs volgen
dan was men genoodzaakt om dit buiten de eigen regio te zoeken.
Gelet op de mentaliteit en de geografische ligging
lag het voor de hand dat Petrus naar Antwerpen vertrok.
Bovendien was het onderwijs er gratis en kon men er
met zowel de Nederlandse als de Franse taal terecht,
dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld Brussel of Luik.
Ook Van Schendels stadgenoten, de schilders Willem Reinhardt Kleyn,
Jacobus Huysmans en zijn zoon Constantinus Huysmans
bezochten de Antwerpse academie.

Petrus keerde in 1828 terug en verbleef afwisselend in Breda,
waar hij introk bij zijn broer Antonius, en in Amsterdam.
Rond 1829 was hij druk bezig een carriere op te bouwen
waarvoor hij contact aanknoopte
met de Haagse kunsthandelaar Johannes Immerzeel.
Het blijkt dat hij toen al heel martktgericht was en zijn werk,
hoe dan ook, van de hand wilde doen.
Wegens voortdurend geldgebrek was hij echter gedwongen
zijn schilderijen ver onder de vraagprijs aan de kunsthandelaar te verkopen.
Maar hij accepteerde niet alles,
want toen Immerzeel opmerkingen maakte over fouten in het perspectief
wees Van Schendel hem terecht met de opmerking
dat hij in 1828 op de academie een gouden medaille
voor doorzichtkunde (perspectief) had ontvangen.
Ondanks de vele compromissen die hij sloot,
bleef hij overtuigd van zijn kwaliteit en voorspelde hij Immerzeel
dat zijn werk in de toekomst veel geld zou opleveren.

En hij kreeg gelijk.
Tussen 1858 en 1872 zou Van Schendel,
samen met onder andere Jozef Israels, Diederik Jamin en Philip Sadxe9e,
tot de best betaalde schilders van Nederland behoren.
Maar Van Schendel verwierf in de vorige eeuw
dan ook nationale en internationale roem als fijnschilder
van kaars- en lamplichttaferelen.
Dit in zijn tijd zeer gewaardeerd genre beoefende hij zijn hele leven.
Ook Johannes Rosierse en Petrus Kiers,
de Bredanaars Wilhelmus Kerremans en Andreas Vermeulen
alsmede de Bosschenaren Jan Hendrik Grootvelt
en Thomas van Leent waren belangrijke vertegenwoordigers
van deze stroming.

Petrus van Schendel, Markt in de avond, Den Haag.

Nocturnes of schilderijen met maan- en kaarslicht
waren een zeventiende-eeuws genre dat in de vorige eeuw
opnieuw tot grote bloei kwam.
In de nocturnes dienden de maan en de sterren als natuurlijke lichtbron.
Een kaars, toorts of olielampje fungeerde als kunstmatige lichtbron.
Van Schendel schilderde ontelbare markt- en straattaferelen bij avond
en zijn productiviteit schijnt ongelooflijk te zijn geweest.
Daarnaast vervaardigde hij ook landschappen, zeegezichten,
binnenhuizen, portretten en ‘gewijde geschiedenis’,
dat wil zeggen religieuze historiestukken,
bijna allemaal met lichteffecten.
Voor hem was het een ‘specialite de la maison’
en in Belgie en Frankrijk werd hij dan ook ‘Monsieur Chandelle’ gexadnoemd.

Ook noviteiten op het gebied van kunstlicht,

zoals de uitvinding van het elektrisch licht,
nam hij in zijn werk op.
Zo exposeerde hij in 1869 zijn ‘Winters feest in de tuin
van de Zoo te Brussel met Bengaals vuur en elektrisch licht’.

Petrus van Schendel, Marktplein bij avond, Rotterdam, 1853.

Om door te dringen tot het kunstcircuit zag Van Schendel
zich genoodzaakt de provincie te verlaten.
Wel onderhield hij contact met Terheijden en met Breda,
de stad waar hij zijn jeugd doorbracht.
Zo exposeerde hij in 1845 en 1863 in Breda.
En aan de parochiekerk van Terheijden schonk hij
het ‘Nachtbezoek van de H. Paulus aan de H. Antonius’.
In 1830 was Petrus definitief uit Brabant vertrokken
en had hij zich in de hoofdstad gevestigd.
Dit verblijf was echter van korte duur want twee jaar later
verhuisde hij naar Rotterdam.
Vanwege de slechte lucht vertrok hij in 1838 naar Den Haag.
Intussen waren uit zijn huwelijk met Elisabeth Grasveld
dertien kindexc2xadren geboren.
En omdat Brussel kennelijk over betere opvoedingsmogelijkheden
beschikte dan Nederland,
vertrok Petrus in 1845 met zijn gezin definitief
naar de Belgische hoofdstad.

Petrus van Schendel, Vismarkt op de Groenmarkt te Den Haag.

Hij had geen betere keus kunnen maken.
Op dat moment had Brussel een internationale uitstraling
en fungeerde de stad als tussenstation voor de Franse kunst naar Nederland.
Van Schendel was commercieel een zeer succesvol artiest
en wist zijn werk zeer goed te verkopen.
Hij nam deel aan vele tentoonstellingen in Nederland,
maar ook in Antwerpen, Brussel, Gent, Parijs en Londen.
Hij ontving daarbij zilveren medailles in Den Haag (1839)
en Brussel (1842) en gouden medailles in Brussel (1845),
Parijs (1844 en 1847) en Manchester (1849).
Zijn schilderijen werden in belangrijke Europese collecties opgenomen
zoals in die van koning Willem II en koning Leopold I van Belgie.

In het begin van zijn loopbaan was de kunstkritiek vol lof
over de lichtweergave en de zorgvuldige, nauwkeurige behandeling.
Maar naarmate zijn kaarslichtwerken veelvuldig
op exposities verschenen en vaker op een maniertje gingen lijken,
waren er ook andere geluiden te horen.
Men bracht veel waardering op voor de kwaliteit van zijn werk,
maar men wilde wel graag enige vernieuwing en inspiratie zien.
De waardering voor Van Schendel bleef,
maar het kaars- en lamplichtgenre raakte
aan het eind van de vorige eeuw uit de mode.
En al op het eind van zijn leven werd Van Schendel
met name door vooruitstrevende critici
als ouderwets beschouwd.
Hij werd immers als een navolger gezien en niet als vernieuwer.
Dergelijke kritiek had echter nauwelijks invloed
op het grote publiek en nog lang na zijn dood
werd zijn werk goed verkocht

Petrus van Schendel, Aanbidding van de herders, circa 1849.

Behalve een gevierd schilder was Van Schendel
ook een bekwaam werktuigkundige en uitvinder.
In 1841 werd hem een koninklijk octrooi verleend
voor zijn uitvinding tot verbetering van de schoepen
bij stoomvaartuigen.
Zijn vinding voorkwam verspilling van energie
en ging het schokken van de vaartuigen tegen
zodat het reizen aangenamer werd.
Al lange tijd lang hadden ingenieurs zich
met dit probleem beziggehouden,
maar Van Schendel was erin geslaagd
een constructie te ontwikkelen die door haar eenvoud
geschikt was om uitgevoerd te worden.
Ook deed hij enkele uitvindingen ten behoeve
van de droogmaking van het Haarlemmermeer.
Daarnaast schreef hij in 1848 een werk
over het ontginnen van heidevelden in de Kempen
onder vermelding dat hij de uitvinder was
van de ‘l’Hxe9lice hydraulique pour irrigation’
en in 1853 over het zijdelings schudden van spoorrijtuigen.

Petrus van Schendel, Zomeravond bij lamp en maanlicht.

Op het gebied van de tekenkunst stelde hij een werk samen
over gelaatsuitdrukkingen waarvoor hij enkele koppen etste.
Bovendien ontwikkelde hij de methode
Nieuwe leerwijze van Doorzichtkunde die hij in 1861
bij J. Hermans in Breda liet uitgeven.
Deze methode was bedoeld voor kunstenaars die zich
in het perspectief wilden bekwamen,
een specialiteit waarin Van Schendel zelf zeer bedreven was.
Petrus van Schendel stierf op 28 december 1870 in Brussel.
In 1881 kwam zijn nalatenschap, waaronder tekeningen,
aquarellen en ruim honderd schilderijen, in Brussel onder de hamer.

Nog twee foto's oud Breda

Deze week kreeg ik een PowerPoint toegestuurd.
Met foto’s van Oud Breda.
Helaas stond bij een aantal foto’s niet bij
waar de foto’s vandaan kwamen, wie ze gemaakt had,
wie er op stonden, wat er op te zien was.
Natuurlijk kun je dat wel proberen te raden maar dat schiet niet op.
Gelukkig is er nog het Gemeentelijk Archief.


Jongens en meisjes, van elkaar gescheiden, aan tafels gezeten in stadsschouwburg Concordia tijdens een traktatie door het St. Nicolaascomitxc3xa9. De weldoeners kijken vanaf de galerij toe, 1890-1895





Van Coothplein 37, stadsschouwburg Concordia tijdens de verbouwing in 1980 en 1981.




Kasteelplein: biggen- en varkensmarkt


Laatste biggen- en varkensmarkt, datum onbekend.


Het ruiterstandbeeld van Willem II is geplaatst in 1921.
Deze foto/prentbriefkaart zou dus daarna gemaakt moeten zijn.
De laatste markt zou dus na 1921 moeten hebben plaatsgevonden.


Vermelding in de krant (?).





Laatste biggen- en varkensmarkt, 1920.



Laatste biggen- en varkensmarkt, juni 1903.



Laatste biggen- en varkensmarkt, 1900 – 1910.







Water in de Stad

Het is al even stil op mijn weblog
betreffende de nieuwe haven en het water in de stad.
Maar er is niet stil gezeten.
De aannemers zijn gewoon doorgegaan.
Het water staat nu al in alle stukken en nu rest nog
de afwerking. Je kunt bijvoorbeeld zien dat er nog bomen moeten komen.
Ook de bestrating is nog niet overal af.
Maar het begint er op te lijken.









Singelloop

Op mijn web log van eergisteren stond:

Ik was hiermee de 604de loper die binnenkwam van de 950 deelnemers
aan deze trimloop.


Niet goed gekeken (?), heb ik inmiddels begrepen.
De krant had ook een andere uitslag.
En de complete lijst zegt vandaag: plaats 613.
Die persoon die ik zag met 6 uur staat er niet meer bij vandaag.
Het aantal deelnemers blijkt nu 960 te zijn in plaats van 950.

Op een andere website: uitslagen.nl zie ik de volgende uitslagen.
Dit is inclusief mijn vorige deelnames:



Overigens staat hier weer een andere plaats omdat ze dit baseren
op de lijst met alleen mannen recreanten.
Bij Pro-run sta ik bij de mannen recreanten op de 376ste plaats.
(Bruto/netto tijd?)
Kortom, je kunt kiezen.

Breda Photo 2008

Vandaag de rest van Breda Photo 2008 zoals ik afgelopen zondag
heb ervaren en gezien.

Ik begon mijn tocht bij KOP.
De tentoonstellingsruimte aan de Speelhuislaan.
Daar maakte ik de volgende foto’s van het werk
van Sjoerd Knibbeler
Zijn foto’s getuigen van heel veel humor.
Geen dijenkletsers maar gewoon leuk.





Vervolgens ben ik bij de buren gaan kijken: IDFX/Electron.
Normaal gesproken ook een bioscoop van cultfilms.
Deze periode een van de podia voor Breda Photo 2008.
De tentoonstelling van Claudia Reinhardt vond ik heel bijzonder.
De serie heet ‘Killing me softly’.
Deze fotograaf heeft zelfmoordscenes van bekende en minder bekende
publieke figuren gereconstrueerd.
Zelf speelt ze steeds de hoofdrol.
De foto’s hangen in een grote ruimte terwijl alle gevallen
van zelfmoord kort beschreven worden in projecties op de grond.
Mooie foto’s, mooi opgezet.
Proficiat!


Claudia Reinhardt: zicht op de tentoonstellingsruimte.


Claudia Reinhardt: voorbeeld van 1 foto.

Van de website van Claudia Reinhardt komt de volgende tekst bij die foto:

clara immerwahr
1870-1915

deutsche Chemikerin
und Pazifistin. Ihr
Ehemann Fritz Haber
entwickelte das
Giftgas, das im Ersten
Weltkrieg eingesetzt
wurde. Clara Immerwahr
erschoss sich aus
Protest und Ohnmacht
mit der Dienstwaffe
ihres Mannes im Garten
ihres Hauses.

Vervolgens ben ik in de Grote Kerk van Breda geweest.
Daar was een fotoboekpresentatie en interview met
Marieken Verheyen.
Een boek dat precies past bij het thema van deze manifestatie.
Verder op zijn een paar van haar foto’s te zien.
Hopelijk wordt dan meer duidelijk.

In het Chassepark, een open ruimte die een paar jaar geleden is ontstaan
op een plaats waar vroeger de Chassekazerne was.
Daar staan veel vergrootte foto’s buiten opgesteld.
Een mooi gezicht en afgelopen zondag goed bezocht.




Sommige foto’s zijn heel groot.

In het Chasseepark een grote serie foto’s van Martin Parr.
Wikipedia, de Engelse versie dan, biedt weer uitkomst:

Martin Parr (born 23 May 1952 in Epsom, Surrey)
is a British documentary photographer,
photojournalist and collector.
He is known for his photographic projects
that take a critical look at modern society,
specifically consumerism, foreign travel and tourism,
motoring, family and relationships, and food.

Martin Parr is een Engelse fotograaf die voor Magnum werkt
en bekend is door zijn kritische blik op onze samenleving.
Vooral het overdadig consumeren, toerisme, reizen,
motor rijden, familie en relaties en voedsel zijn thema’s voor hem.

In Breda een serie foto’s over vooral toerisme.




Kijk eens wat dichterbij.


Nog wat dichterbij.


PIG is Engels voor varken.


Let eens op al die kleuren in de Keukenhof (?).






Marieken Verheyen.

De serie heet Elsewhere.
En de web site leert ons:

In foto en tekst documenteert Elsewhere
de betovering en de benauwenis van het uitzicht.

Uitzichten in de thuislanden van migranten
xe2x80x93 Bosnixc3xab, Ghana, Indonesixc3xab, Marokko xe2x80x93
constrasteren in dit boek met Nederlandse uitzichten.
De beelden worden aangevuld met Nederlandse visies
op het uitheemse en uitheemse visies op Nederland.











En foto’s zijn er overal te vinden.
Dit was nog maar een beperkte tocht door Breda.
Gaat dat zien!



Tent op de brug

Vanochtend zag ik dat er weer druk aan de brug over onze vijver wordt gewerkt.
De brug is voor een groot deel van metaal.
Zeker het rijvlak.
De enige voertuigen die over de brug mogen zijn de lijnbussen.
De metalen rasters/roosters die het rijvlak vormen
zijn aan elkaar ‘geschroefd’ met beugels.
Helemaal vast aan elkaar maken kan niet.
De trillingen als gevolg van het gewicht en de snelheid
van de bus en de werking van de omgevingstemperatuur
hebben ruimte nodig.
Soms is die ruimte te groot en gaan de metalen delen
onder de druk van de bus (te veel) geluid maken.
Volgens mij zijn ze daarom aan het werk.
Om zich te beschermen tegen de regen zette men een tent op:


De ‘partytent’ aan het linker uiteinde van de brug.



Aan de rechterkant staat een shovel.




Mijn bijdrage aan Breda Photo: Elements



Op dit moment is de fototentoonstelling Breda Photo aan de gang.
Vandaag lever ik daaraan mijn aandeel via mijn weblog .
Al gebiedt de eerlijkheid te zegen dat mijn bijdrage niet geinspireerd is
door het thema ‘Hotel Heimat’.

Mijn thema is ‘Elements’.
Niet zo maar de elementen.
Maar de manier waarop mensen ingrijpen in hun omgeving door
het beinvloeden van de elementen.
Hier beton, water, licht en natuur.
Orde en wanorde ?







Singelloop

Vandaag heb ik voor het eerst dit jaar
de hele route in 1 keer gelopen.
Dus zonder te stoppen.
Dat is niet best.
Dat betekent dat ik dit jaar veel minder gelopen heb
dan andere jaren.
Dit jaar zat niet mee vanwege het weer en een aantal bezigheden in de avond.
Jammer maar het is niet anders.
Daarom loop ik volgende week ook maar 5 kilometer.
Het startbewijs heb ik deze week al ontvangen:





Harley dag

Het was vandaag:


Het weer was niet fantastisch maar tot nu toe
hebben we nog maar 1 regenbui gehad.
De zon schijnt al weer.
Er waren erg veel mensen op de been.
Veel activiteiten en vooral veel motoren.
Natuurlijk weer wat foto’s gemaakt:


De motoren kwam ik al op de Prinsenkade tegen.


Bij de Hoge brug was het erg druk.








Deze keer minder foto’s van de motoren maar dit kon ik niet overslaan.


En deze ook niet.




Het milieu kreeg van katoen.















Rectificatie + Zwanennieuws

Vanmiddag is gebleken dat een van de witte zwanen toch nog leeft.
Er zijn dus nog drie zwanen.
De politie en de dierenambulance hebben ingegrepen vanmiddag.
Ik heb dat nieuws net niet meegemaakt maar daar was gastcorrespondent L
die de volgende fotoreportage verzorgde.


De brandweer kwam met een bootje.


Ook de dierenambulance kwam ter plaatse.


De situatie werd geanalyseerd.


Maar zo gemakkelijk laat een zwaan zich niet vangen.


Zwaar gereedschap.


En dan het water in.


Het valt niet mee.


Men probeert de zwanen klem te zetten tegen de houten brug.


De jonge zwaan ontkomt, hij is het doel van de operatie.


Fotografen en reddingswerkers.


Daar heeft men nog een zwaan.


Operatie geslaagd.


Of dit de juiste greep voor een zwaan is weet ik niet.


Er is voldoende publiek.


Inmiddels zijn ze afgevoerd. Rest ons nog 1 zwaan.

Botulisme in Breda

Net als voorgaande jaren is er weer botulisme in onze vijver.
En net als andere jaren zijn de zwanen het slachtoffer.
Heel triest.
Ze waren zo prachtig.
Van de 6 zwanen, twee oudere en vier jonge, zijn er vandaag nog 2 over.















Deze jonge zwaan is zijn dons al aan het verliezen.
Hij was/is donker van kleur.
Hij was van de 4 jongen de enige die niet stralend wit was.
Het spreekwoordelijke lelijke eendje.
Maar hij is al aan het verkleuren.
De nieuwe veren zijn al wit.
Maar hun overlevingskansen zijn klein.
Andere jaren gingen alle dieren steeds dood.











Ballonfiesta/fiasco II

Gisteravond het laatste deel van de ballonfiesta van dit jaar.
Ze hebben al een paar jaar pech met het weer.
Zo ook gisteren.
Slechts een beperkt aantal ballonnen kozen het luchtruim
vanwege de regen en de wind.
Niets met spectaculaire ballonnen.
Nu is het opstijgen van deze ballonnen altijd sensationeel.
Ook als de ballon de traditionele vorm heeft.
Natuuerlijk wat foto’s gemaakt.
Loop even met me mee naar het terrein vanwaar de balonnen opstijgen
en zie ze vertrekken.













Natuurlijk heb ik wel geprobeerd hier en daar de reclame
wat van de ballonnen weg te halen.











Dit is nummer een.





En dit is nummer twee.

Weer

Vannacht en vanochtend was het weer niet zo best.
Gisteravond weerlichtte het al toen ik ging slapen.
Vanochtend scheen de zon tussen de regenbuien door.
Een prachtig zicht leverde dat wel op.
Helaas had ik te weinig tijd om het echt mooi op de foto te zetten.
Toch maar even twee foto’s gemaakt.
Breda, 28/07/2008, 07:30 uur.