In het hotel kreeg ik meteen mijn eerste souvenir. Dat hadden ze niet hoeven doen maar het is heel aardig. Hier ligt een blauw/witte doek op het tapijt. Maar wat is het nou?
De verpakking verduidelijkt. Ik ga slapen. Ik ben moe en het is al aan het begin van de avond. Midden in de nacht wordt ik wakker en de volgende keer is het 10:30 uur. Ingecalculeerd. Ik had er rekening mee gehouden dat de eerste dag slaap en onwennig zou zijn.
De hotelkamer is een soort kamer-en-suite: eetgedeelte, zitgedeelte, aparte slaapkamer en douche/toilet. Heel ruim.
Hotelkunst.
Uit bed ga ik wandelen. Ik moet zien in hoeverre ik me kan orienteren. Dat gaat eigenlijk best. Het was me al verteld dat Dunhuang een rustige plaats is met brede stoepen en brede straten. Weinig verkeer.
Behoorlijk op de groei. Ik ben op zoek naar het Dunhuang Museum. Dat blijkt gesloten te zijn op maandag maar ik vind het wel.
In China is het eigenlijk altijd tijd om te eten.
Geweldig zo’n enorme steen als reclame voor je supermarkt.
Lucky gift met traditionele afbeelding op de achtergrond.
In Dunhuang is ook een moskee. Deze vind je in de buurt van de avondmarkt die op dit moment nog leeg is. Dit is het deel waar gebeden kan worden.
Deze poort geeft toegang tot de moskee en een paar bijhorende gebouwen.
Onderweg naar Snack street zie ik bij een winkel
het volgende zonnepaneel buiten staan.
Wie het kleine niet eert….
De thee en het bestek voor het middageten.
De keuze heb ik gemaakt met behulp van de foto’s op het menu. Het smaakte prima.
Later, aan het begin van de middag ga ik naar de avondmarkt.
Ook met de bedoeling er te gaan eten.
Dat lukte prima.
Eerst kom ik langs een bakker van platte broden.
Ze smaakte heerlijk.
Een oven van dit type ken ik uit India, bijvoorbeeld.
Je kijkt je ogen uit met al die kleuren, geuren, mensen, …….
Dit laatste is mijn avondeten. Vlees, ik vermoed lam, in brood. Goed te eten zonder bestek of bord en het smaakt prima. Goed warm en heet.
































