Gelezen: Een autobiografische vertelling uit Rusland

WP_20180116_15_02_30_ProPieterWaterdrinkerTsjaiikovskistraat40EenAutobiografischeVertellingUitRusland

De schrijver is Pieter Waterdrinker. De titel van het boek is: Tsjaikovskistraat 40. En de ondertitel is: Een autobiografische vertelling uit Rusland.


Pieter Waterdrinker neemt ons mee op een tocht langs
zijn (sterke) verhalen over zijn leven in de voormalige Sovjetunie en Rusland.
Hij doet dat vanuit de Tsjaikovskistraat 40 in St. Petersburg.
Een straat vlak bij waar het allemaal gebeurde in 1917.
De vertelling weeft zijn persoonlijke geschiedenis aan een met beschrijvingen
van historische gebeurtenissen en persoonlijkheden.

Zijn stijl neigt naar het populaire maar dat is niet het grootste probleem
van dit boek dat zich regelmatig best vlot laat lezen.
Het boek is in het begin leuk. Soms schrijft hij over dingen die
bij een aantal mensen bekend zal voorkomen.
Bijvoorbeeld als hij de tragische geschiedenis van de laatste tsaar
en zijn familie nog eens uit de doeken doet.
Maar soms zijn de verhalen nieuw en opmerkelijk.

Wat mij vooral trok is dat hij ook schrijft over de periode
eind jaren ’80 en begin jaren ’90. Hij werkte in het toerisme,
als gids, ik ging in 1991 als toerist naar Leningrad en Moskou,
met een gids.
Zijn persoonlijke vertellingen over die periode waren voor mij heel herkenbaar.
Niet dat we alle details meemaakten tijdens onze reis, zoals hij ze beschrijft
maar verbazen doen zijn verhalen en details me niet.
Bijvoorbeeld over de kaarten voor balletvoorstellingen (ik ben toen daar niet
naar toe geweest, de meeste andere mensen in onze groep wel).

De geschiedenis herhaalt zich niet, de geschiedenis rijmt.
En soms is die zijn eigen spiegelbeeld.

Een mooie uitspraak. Of die van Waterdrinker zelf is weet ik niet,
maar dat maakt ook niet zoveel uit.
Wel dat je deze uitspraak, en een aantal andere fragmenten,
meerdere malen in het boek tegen komt.
Wat mij betreft is herhaling in dit boek niet het sterkste punt.
Het gaat tegen staan.
Het citaat hierboven is van pagina 217 maar komt vaker voor.

Het boek leest zoals gezegd regelmatig aangenaam maar had best
een derde korter kunnen zijn.
Daar was het beter van geworden.
Aan het eind van het boek (pagina 401 – 413) gaat het over
‘het Rijk van de Rode Teugels’.
De recencent van de Volkskrant vindt het geweldig maar ik zie dat anders.
Het is een tekst waarin Waterdrinker probeert
te bewijzen dat hij kan schrijven.
Volkommen onduidelijk wordt de geschiedenis van 1917 gecombineerd
met gebeurtenissen van vandaag.
Aks hij dan nog schrijft (pagina 413):

…..mijn Russische buren zowel onder als beneden mij…..

dan is het toch echt tijd om op te houden.
(Het gaat om de buren onder en boven)
Jammer dat zijn redacteur hier niet strenger is geweest.
Want dan had het een goed boek kunnen worden.
Nu is het een aardig boek dat meestal vlot leest